Beslissing commissie van beroep tegen appeal van Nederland
DECISION OF THE APPEALS COMMITTEE
Appeal by the captain of Netherlands 2, Mr. Reinderman
14 August 2023
Mr. Reinderman has filed an appeal on behalf of his player, Roger Labruyere, against the decision of the arbiter that Mr. Labruyere has intentionally touched two pieces of his opponent, and that he had to capture the second touched piece since the first touched piece couldn’t be captured.
The Appeals Committee stands by the decision of the arbiter. The arbiter has declared to the Appeals Committee that he could see clearly what happened and that didn’t see or hear Mr. Labruyere saying “j’adoube”.
Therefore, the Appeals Committee refers to article 4.3.2 of the FIDE Laws of Chess, which says: “Except as provided in Article 4.2.1, if the player having the move touches on the chessboard, with the intention of moving or capturing: (…) 4.3.2 one or more of his/her opponent’s pieces, he/she must capture the first piece touched that can be captured.”
On behalf of the Appeals Committee
Member: Anna Bourg (LUX)
Member: Mishra, Neeraj–Kumar (IND)
Member: Quinn Cabralis (TTO)
Signed by:
Dharma Tjiam, Head of Appeals Committee
Waarom is dit artikel geplaatst? Welk toernooi betreft dit en is iemand het niet eens met het besluit en zo ja waarom niet?
Jeugdolympiade en appeal is ingediend door Dimitri zelf als teamcaptain van NL…
Ik was vooral benieuwd of iemand de fout zou ontdekken in de motivatie (heel moeilijk is het volgens mij niet).
Dxd4 is ook mogelijk, dus de verplichting Lxd4 is reglementair onjuist.
Ik pas: schaken lijkt een beetje de kant van het voetbal op te gaan waar Varren de hoofdrol soms opeisen. Ik heb dit jaar al genoeg gelezen over scheidsrechters bij het schaken.
4.2.1 Hoe kan zo’n wedstrijdleider nu beweren dat hij aan die stukken zit met de intentie die te pakken?
Ik lees ook nergens dat de tegenstander eiste dat aanraken = zetten. Hadden we hier van doen met een overijverige arbiter?
Artikel 12.1 (‘The arbiter shall see that the laws of chess are observed’) gaat boven artikel 12.6 (‘The arbiter should must not intervene in a game of chess except in cases described by the laws of chess.’) Google ‘fide arbiter manual 2022’; op pagina 38 van het pdf-bestand dat je dan krijgt wordt bij art.12.1 ‘aanraken is zetten’ gegeven als voorbeeld van een geval waar een arbiter ook moet ingrijpen als de tegenstander niet claimt.
Ik heb zelf een keer bewust niet geclaimd omdat ik gezien had dat mijn tegenstander met een ander stuk een veel betere zet kon doen. Helaas greep ook daar de arbiter in.
Ik bedoel dus, mijn tegenstander raakte een stuk aan, speelde toen met een ander stuk een slechtere zet en kon toen met het aangeraakte stuk een betere zet doen. Ach ja, ik wordt oud en morsig.
Quod eradt demonstrandum.
Dat staat er ook niet, alleen dat de zwartspeler met opzet (dus niet per ongeluk) de witte stukken aangekomen aanraakte. Het komt dus neer op het handhaven van de norm dat j’adoube moet je worden gezegd
Maar wie gaat nou de stukken van de tegenstander rechtzetten. Dat is toch hinderlijk.
Waarom niet als je aan zet bent? Zolang het geen hinderen van je tegenstander is (bijv. elke zet de paarden van je tegenstander draaien omdat je het niet met elkaar eens bent waar een paard naar moet kijken), maar gewoon een pion die half op c4 geschoven is, is er niets hinderlijks aan.
De enige omissie die ik in de motivatie van de Appeals kan ontdekken, is dat ze artikel 4.2.2 niet aanhalen: ‘Any other physical contact with a piece, except for clearly accidental contact, shall be considered to be intent’. Het aanraken was overduidelijk niet per ongeluk, de tegenstander was niet gewaarschuwd, dus treedt automatisch artikel 4.3 in werking.
De regels trekken hier een overduidelijke grens. Het zal ongetwijfeld zo geweest zijn dat de zwartspeler alleen maar beide stukken wou rechtzetten, maar het zou in theorie kunnen zijn dat hij alleen de dame wou rechtzetten. Als je ‘j’adoube’ zegt, mag je één of meer stukken rechtzetten. Het wordt pas interessant als er dan een pauze zit tussen het rechtzetten van het eerste stuk en het ‘rechtzetten’ van het tweede stuk. Ik vermoed dat de meeste arbiters ook in dat geval zouden kiezen voor het verplichten tot zetten.
Kortom, de wet is hard, maar het is de wet.
Ik heb gemengde gedachten bij deze casus, best wat is al benoemd.
– Ik weet niet wat voorafgaand aan de situatie is voorgevallen, is de speler al eerder op iets aangesproken geweest?
– Begrijp niet zo goed in deze stelling dat je als speler of scheidrechter hierop gaat claimen, tenzij het vooraf expliciet is benoemd, eerder al is voorgevallen of zou het in een kritieke tijdnoodfase zijn gedaan.
– Waarvoor Bxd4 ‘moest’ want Qxd4 is ook mogelijk. Hoewel Bxd4 dan ergens wel logischer is dan Qxd4.
– Anderzijds als speler moet je toch weten dat je niet ongevraagd, onaangekondigd (eigen) stukken aanraakt, zonder ermee te zetten.
Persoonlijk vind ik het heel dubbel. Enerzijds een zure beslissing, anderzijds zijn het wel regels, maar als ik scheidsrechter was zou ik het de eerste keer bij een waarschuwing laten en bij de start van de eerstvolgende ronde in het algemeen bij de spelers benoemen dat dit niet is toegestaan en vervolgens ook op sanctioneren. De regels moeten worden gehandhaafd en aanraken is zetten. Het kan immers best hinderlijk zijn, iemand uit de concentratie halen om ongevraagd stukken aan te raken.
Een arbiter heeft vrijheid van handelen in situaties waarin de regels niet voorzien. In andere gevallen geldt het hierboven aangehaalde artikel 12.1. Als een arbiter van regels en voorschriften gaat afwijken, komt de rechtszekerheid in het gedrang. Je moet er als speler blind op kunnen vertrouwen dat een arbiter zich eraan houdt.
Er is trouwens ook nog een tussenvorm: De arbiter treedt niet op bij de 50 zetten regel, maar wel als de 75 wordt gehaald. Zelfde bij 3x dezelfde stelling, waar de arbiter bij 5x verplicht is op te treden.
Ben het helemaal mee eens dat je als speler blind moet kunnen vertrouwen op een arbiter. Ik ben een speler geen arbiter, dus ik ben (was) niet bekend dat een arbiter verplicht is om bij het waarnemen in te grijpen. In strafrecht (weet ik ook weinig van) maar wel dat er vrijheid is om te vervolgen of te sanctioneren. Dus zodoende dacht ik misschien geldt dat bij schaken ook. Zijn natuurlijk twee totaal verschillende dingen, maar zo ging mijn gedachtegang, verder weet ik weinig van de regelgeving en gaf ik enkel aan hoe ik het zou doen.
Enkele opmerkingen ter aanvulling:
1. De speler heeft de ’touch move rule’ inderdaad geclaimd.
2. Frits merkt terecht op dat 4.2.2 cruciaal is in dit verband: “Elke andere fysieke aanraking van een stuk, uitgezonderd duidelijk onbedoeld contact, moet als opzettelijk opgevat worden.” Ik geef daarbij vaak het voorbeeld van de verstrooide speler die zijn loper pakt om in zijn koffie te roeren… (echt gebeurd!)
3. De Nederlandse organisatie en arbiters zijn uiteraard niet betrokken bij de arbitrage van de Nederlandse teams.
En wat zou jij als arbiter doen in het andere geval dat ik beschreef: speler zegt: ‘j’adoube’, zet een stuk recht, wacht even (hoe lang?), en raakt dan een ander stuk aan. Lijkt me een geval waarin de regels niet voorzien en waarbij de arbiter zelf een beslissing moet nemen.
Hoi Frits, je geeft het zelf al aan met “wacht even (hoe lang?)” – dat is dus afhankelijk van de situatie.
Stel je bijvoorbeeld voor het halve bord scheef staat (omdat iemand tegen de tafel aanstootte), de speler zet tien stukken netjes weer recht, pauzeert 5 seconden en ziet nog twee stukken om recht te zetten.
Maar een j’adoube geeft je natuurlijk niet het recht om een half uur lang alles op het bord aan te mogen raken.
Opzettelijk aangeraakt is akkoord. Maar niet met de intentie om te slaan of mee te zetten. Wel mogelijk hinderen van de tegenstander. Ik doe wel meer dingen opzettelijk, in mijn stoel zitten bijvoorbeeld.
Arno als iemand iets claimt bij de arbiter en het is rechtsgeldig kan je toch niet anders dan optreden? M.i. is er de intentie van zwart om te slaan want hij heeft daar zelf geen stukken staan.
De3 is aangeraakt en alles wat daarna nog wordt getoucheerd is niet relevant. Dus is verplicht slaan op d4 niet van toepassing.
Zoek dat op in het FIDE Handbook. Je hebt ongelijk.
Ik suggereerde hier wat, gezien de vraagstelling. Ik pretendeer niet gelijk te hebben. Maar uit je reactie maak ik op dat mijn aanname niet juist is. Dank voor je antwoord.
Ik denk niet dat je de enige bent die dit gevoel had.
De regel zegt “he/she must capture the first piece touched that can be captured.” en niet “he/she must capture the first piece touched IF that can be captured.”
Strikte naleving van regels moet geen doel op zichzelf zijn, vind ik. Het diagram toont geen gecompliceerde stelling, van tijdnood zal nog lang geen sprake zijn geweest, en Wit was niet aan zet. Werkelijk hinderlijk voor de Witspeler kan dat rechtzetten door Labruyere, zonder het zeggen van J’adoube dan ook niet zijn geweest. Mét het wél zeggen van J’adoube was het niet minder hinderlijk geweest.
Sinds ik wedstrijdschaak speel (sinds 1973) maak ik dit soort dingen gelukkig maar soms mee. Veel arbiters en wedstrijdleiders zijn te verstandig om zelf onnodig ophef te maken over dingen die het rustige en goede verloop van een wedstrijd niet dwars zitten.
Maar ja, je hebt erbij … Zo schiet me nu het geval van een teamgenoot te binnen die bij het kort rokeren zo dom was om eerst Th1-f1 te spelen alvorens Ke1-g1. Zijn tegenstander protesteerde, kreeg gelijk van de wedstrijdleider en de Koning moest terug naar e1. Gezellig met je team extern een zaterdagmiddag op stap. Hele middag meteen bedorven, qua sfeer.
Als je vindt dat regels te strikt zijn, moet je ze aanpassen. Als speler hoor je de regels te kennen en als die in je nadeel zijn, moet je daardoor niet je middag laten verpesten. Eventueel beroep aantekenen, en anders glimlachend accepteren.
Ik heb het meegemaakt dat de wedstrijdleider voor het begin van een KNSB-competitiewedstrijd zei dat hij die regels met betrekking tot mobiele telefoons maar onzin vond, en het zou laten bij een waarschuwing als er een afging. Ik heb toen als teamleider geantwoord dat ik zou protesteren als dat zou gebeuren. Je hebt als arbiter niet het recht om te beslissen wat voor de niet in overtreding zijnde partij acceptabel zou moeten zijn.
Regels aanpassen heeft niet per se mijn voorkeur. Regels globaliseren en minder expliciet maken wél.
Geef arbiters en wedstrijdleiders meer ruimte om zelf te bepalen of er in een bepaalde situatie moet worden ingegrepen en hoe. Vind ik.
Goede arbiters zijn vaak probleem oplossend en voorkomend bezig. Ik ken een (zeer) beroemde die wist dat een bepaalde GM vaak overlast bezorgde door z’n naar zweet stinkende hemden. Dus hield hij bij zo’n toernooi met hem twee schone overhemden in de goede maat achter de hand. Dat vond ik mooi. Mooier dan bepalingen over frisheid en lichaamsgeur in het toernooireglement opnemen, zal ik maar zeggen.
Als je de regels minder expliciet maakt, dan pas je ze aan. Ze zijn namelijk expliciet: ‘The arbiter shall see that the laws of chess are observed’.
Ik vraag me af hoe je dat ‘minder expliciet maken’ voor je ziet. Commissies van beroep zullen overuren moeten gaan maken, want ieder kan dan over elke situatie een andere mening hebben: arbiter, speler waartegen een maatregel al of niet wordt genomen, de tegenstander, elk afzonderlijk lid van de Cvb; zonder dat een van de partijen daar een objectieve onderbouwing voor heeft. Je kunt ook de Commissies van beroep afschaffen en de arbiter almachtig maken. Ik hoop niet dat dat jouw oplossing zou zijn.
De gevallen waarbij een arbiter meer ruimte heeft, staan nu duidelijk omschreven. Hij/zij mag bijvoorbeeld in een groot aantal gevallen de straf bepalen voor een overtreding. ‘Hinderen van de tegenstander’ is zo’n geval: het is onmogelijk in een reglement op te nemen wat hier allemaal onder kan vallen. ‘… the player shall be penalised in accordance with Article 12.9′, staat er in dergelijke gevallen, en daar staan de mogelijkheden opgesomd.
De doodstraf staat daar niet bij, zoals volgens verhalen door een dronken aanklager bij een Zeeuwse rechtbank ooit werd geëist voor mattenkloppen vóór half tien ’s ochtends. De rechter, diens drinkebroer, zou daarin meegegaan zijn. Maar goed dat er beroep mogelijk was.
Je wil bij een olympiade een volgens de regels terechte claim afwijzen omdat het anders niet zo gezellig is ?
Dimitri, ik ben benieuwd of je bedoelt te zeggen dat de scheidsrechter onreglementair heeft gehandeld. En hoe dit dan het geval is, meestal ben je goed op de hoogte. 🙂
Dat gezegd hebbende:
1. Het lijkt me niet dat de commissie van beroep hier in kan grijpen.
2. Ik zou met als toernooileiding in gesprek gaan met de arbiter, dit is absoluut een situatie enige vrije hand heeft, zelfs na een claim. Het is zeer de vraag of deze beslissing bij de sfeer en professionaliteit van het toernooi past.
3. Als jeugdcoach moet je hier volgens mij kiezen voor de ontwikkeling van je pupil. Troosten en steunen in dat het niet eerlijk lijkt, maar tegelijkertijd ook aangeven dat het helaas soms zo is. En dat het niet zijn fout is maar dat hij het wellicht een volgende keer kan voorkomen door nog duidelijker de regels te volgen. Dat lijkt me een stuk leerzamer en beter voor de ontwikkeling dan het indienen van een protest.
Eerlijk gezegd vraag ik me af of meneer Reinderman wel gerechtigd is om bezwaar aan te tekenen…
Waarom niet? Hij is teamcapatain.
Stond mij bij dat dat alleen mocht als de beslissing de teamscore beïnvloed (ie reglementaire 0 ) of als de speler jonger dan 16 is
Vreemd. Dit lijken de regels van de US Chess Federation te zijn, niet die van de Fide
Kan het mis hebben,maar een teamcaptain is hier niet toe bevoegd. Die mag alleen advies geen om voor remise of winst te gaan of als er remise wordt aangeboden of degene dit moet aannemen.Mag zich niet met andere zaken bemoeien. Maakt niet uit wie de teamcaptain is.
Uiteraard snappen wij dat Roger (een jeugdspeler met 2200+ en behoorlijk wat wedstrijdervaring op hoog niveau) in deze stelling met zijn gezonde verstand nooit zou hebben overwogen om de pion op d4 te nemen, maar de complexiteit van de stelling op het bord en de speelsterkte van de spelers doen in het geheel niet ter zake. Voor iemand met een rating van 280 gelden dezelfde regels als voor iemand met 2800.
Kortgezegd is de regel Aanraken = zetten/slaan, tenzij:
1) vooraf de intentie tot rechtzetten expliciet kenbaar gemaakt is;
2) de aanraking overduidelijk onbedoeld was;
3) het stuk in kwestie niet kan spelen/niet genomen kan worden.
Dit is een zeer rechtlijnige instructie die op ieder niveau goed kan worden begrepen, als bekend mag worden verondersteld, en opgevolgd dient te worden. Naar wat ik begrepen heb, was in het geval van pion d4 geen van deze drie uitzonderingen van toepassing en is de consequentie van het aanraken van pion d4 dat dit stuk genomen moest worden.
Ik vermoed dat een belangrijk deel van onze ergernis over dit voorval wordt gekleurd door het feit dat het een van onze eigen spelers betreft. Als het niet ging om Roger maar om zijn tegenstander, dan acht ik de kans reëel dat we deze discussie niet eens hadden gevoerd.
Dit voorval was een nuttige les voor Roger. Hij vergeet het nooit meer.
4.2 Provided that he first expresses his intention (for example by saying „j’adoube“ or “I adjust”), the player having the move may adjust one or more pieces on their squares.
Ik lees hier geen rechtlijnigheid, maar interpretatie van ‘het uitdrukken van de bedoeling.’
De arbiter heeft ruimte, en had hier wat mij betreft gebruik van moeten maken.
Nou, of voor iemand van 2800 in de praktijk dezelfde regels gelden als voor iemand van 280 is nog maar de vraag. Carlsen flikte het in de WK-match en onlangs weer tijdens de World Cup maar werd er niet op aangesproken.
Als het niet over een NL speler zou gaan hadden we inderdaad deze discussie misschien niet gehad, maar hadden we ons toch wel hardop afgevraagd hoe kinderachtig je als witspeler moet zijn om hiervoor de partij te claimen.
Er was geen intentie om het stuk op e3 of d4 te slaan, daarover kan geen twijfel bestaan. Blijft over het onnodig hinderen van de tegenstander, zoals al hierboven door Jeroen Makkinje aangegeven.
Het besluit van de arbiter was natuurlijk absurd. Maar over het hinderen van de tegenstander mag niet te licht worden gedacht, in mijn optiek. Een gepaste reactie van de arbiter zou minimaal een berisping geweest moeten zijn en eventueel een lichte tijdstraf.
Vooral omdat het een jeugdspeler betreft. Hij moet weten of anders leren hoe hij zich dient te gedragen aan het schaakbord. Daaronder valt ook het niet zomaar aan de stukken van je tegenstander zitten. Ik vind dat zelf ook zeer hinderlijk.
Uit een eerdere reactie van de arbiter onder ons:
2. Frits merkt terecht op dat 4.2.2 cruciaal is in dit verband: “Elke andere fysieke aanraking van een stuk, uitgezonderd duidelijk onbedoeld contact, moet als opzettelijk opgevat worden.”
Ja, het is opzettelijk. Dat staat vast. Met die kennis gaan we aan de slag. Welke artikel wil je vervolgens toepassen? Ik zie geen passende artikel. Dan maar hinderen van de tegenstander.
Aanraken is zetten… dus moet je pion d4 slaan…
Hoezo geen passend artikel…
Roger Labruyere is een jeugdspeler van 15 of 16 jaar met een rating van 2207. Dan moet hij ervaring genoeg hebben. Misschien moeten jeugdtrainers wat meer aandacht besteden aan wedstrijdregels, desnoods ten koste van de Najdorfvariant.
Ik zou verder iedereen aan willen raden om, voordat men zijn mening geeft (of nog erger: het besluit van een arbiter absurd noemt) eerst eens goed de reglementen na te lezen. Dat kost wat tijd, ja, maar een onderbouwde mening vergt nou eenmaal wat inspanning. Ik ben niet opgeleid tot wedstrijdleider en doe dat wel. Ik zal het wel eens mis hebben, maar daar mag iedereen me op wijzen. Als iemand een vraag over regels stelt, zal ik graag antwoord proberen te geven, maar ik wordt een beetje moe van het steeds maar weer moeten reageren op ongefundeerde uitbarstingen. Doe zelf ook eens wat.
Het is niet in de geest van het schaakspel om een partij verloren te verklaren wanneer een speler een stuk recht zet. Maar als je je per se uitsluitend wil baseren op de letterlijke uitleg van de spelregels, dan bieden die hier nog steeds geen rechtvaardiging.
Immers, artikel 4.2 geeft slechts aan dat de aanraking opzettelijk was. Dit wordt echter door niemand betwist!
In artikel 4.3 daarentegen gaat het echter om iets anders. Namelijk: werd deze aanraking gedaan met de opzet om het stuk te slaan? Één noodzakelijke voorwaarde.
Oftewel, de aanraking was wel opzettelijk, maar het doel van deze aanraking was anders dan het vereiste in 4.3. Derhalve is 4.3 niet van toepassing.
Die mag je uitleggen. Kennelijk is het rechtzetten niet aangekondigd (het eerste artikel). Het stuk is niet per ongeluk aangeraakt, dus wordt beschouwd opzettelijk aangeraakt te zijn, aldus het tweede artikel. Dus het derde artikel zegt dat je het opzettelijk aangeraakte stuk moet slaan of spelen. Ik zou niet weten waarom het niet van toepassing zou zijn.
Overigens is de partij toch niet verloren verklaard? Er is gezegd dat d4 geslagen moet worden, neem ik aan. Toevallig verliest dat. Als het geclaimd wordt door een speler, lijkt het me niet afhankelijk van hoe slecht de zet is waartoe je gedwongen wordt. Veel mensen zullen in dit geval zeggen “scheidsrechter, ik speel liever gewoon verder”, waarna je als arbiter zegt “ok, in dat geval hebben jullie het in der minne opgelost, mooi. Denk eraan: niet meer doen”, maar een speler is daar niet toe verplicht natuurlijk.
Geen slecht idee, situaties in der minne laten oplossen. Maar nu de situatie die ik eerder beschreven heb (is me echt gebeurd!): speler A raakt een stuk aan maar zet met een ander stuk. Arbiter grijpt in. Speler B wil graag met de gespeelde (maar slechte) zet doorspelen. Speler A ziet nou ook wat er aan de hand is en wil dat de arbiter de beslissing handhaaft. Arbiter handhaaft beslissing. Speler A profiteert zodoende van zijn eigen overtreding. Was dit terecht? Je zou zeggen dat ‘in der minne oplossen’ een voorrecht is van de niet in overtreding zijnde speler.
Lijkt me een leuke voor een scheidsrechtersexamen.
” Dus het derde artikel zegt dat je het opzettelijk aangeraakte stuk moet slaan of spelen.”
Nee, het derde artikel zegt dat je het opzettelijk aangeraakte stuk moet slaan of spelen, indien het bij de opzettelijke aanraking de intentie was om het stuk te slaan of te spelen.
Wellicht was de bedoeling van de opstellers van deze regels zo te maken als jij ze nu interpreteert, maar daarin zijn ze dan niet geslaagd.
Wat hier een beetje onderbelicht is en waar kennelijk geen berisping/sanctie op staat, is de slordige plaatsing van de stukken (en pionnen) zelf. Dat is ook hinderlijk!
Dat komt waarschijnlijk omdat het ook helemaal niet zeker is dat die stukken niet op de goede plek stonden. Ik kan me zelf niet heugen wanneer ik voor het laatst na een zet van mijn tegenstander met mijn tengels aan dat stuk heb gezeten omdat het niet duidelijk genoeg op dat veld zou staan.
Overigens heb ik van een insider gehoord dat de coach van Marokko zijn spelers aanspoort om dit soort situaties te claimen. Ik had zelf wel diverse spelregelsituaties doorgenomen met mijn spelers, maar deze net niet.
Nog een graadje erger zou zijn dat hij ze aanspoort om de stukken schots en scheef neer te kwakken en vervolgens te claimen als de tegenstander daar iets aan doet.
Dat is de schaakvariant van de oude boeventruc om met een oude wagen voor de kruising te wachten tot er een auto van links komt en dan een opzettelijke aanrijding te veroorzaken, met de claim dat je van rechts kwam. Ik hoorde deze truc al in mijn jeugd, maar vorige week werd er op de radio voor gewaarschuwd dat hij weer vaak voorkwam.
Blijkbaar zijn de regels aangepast.
Oud:
4.2 Provided that he first expresses his intention (for example by saying „j’adoube“ or “I adjust”), the player having the move may adjust one or more pieces on their squares.
4.3 Except as provided in Article 4.2, if the player having the move deliberately touches on the chessboard
Nieuw:
4.2.1 Only the player having the move may adjust one or more pieces on their squares, provided that he/she first expresses his/her intention (for example by saying “j’adoube” or “I adjust”)
4.2.2 Any other physical contact with a piece, except for clearly accidental contact, shall be considered to be intent.
4.3 Except as provided in Article 4.2.1, if the player having the move touches on the chessboard, with the intention of moving or capturing
Nu ik ze naast elkaar leg, is de bedoeling (intentie) van de verandering en dus 4.2.2 duidelijk. Het moet expliciet gezegd worden. In het Engels staat er het woord intent wat dus in 4.3 als intention terugkomt. Dus de koppeling dus 4.2.2 en 4.3 is wat duidelijker. Het nare echter is dat intention ook in 4.1 staat.
Dus: 4.2.2 moet herschreven worden lijkt mij.
Maar ik ben geen voorstander van precieze instructies.
Nu ik nogmaals lees is de bedoeling van 4.2.2 toch niet duidelijk. Maar ze zoeken het maar uit maar uit bij de FIDE. Ik hoef me toch niks van 4.1-4.2 aan te trekken, dus ik bemoei me er niet meer mee.
Het is en blijft voor mij onbehoorlijk om zonder te vragen een stuk van je tegenstander recht te zetten
Zomaar een hand over het bord en aan mijn stukken zitten kan niet.
Ik zou mij beroepen op aanraken zetten.
Ik geef het op.
De arbiter kon niet anders handelen. De tegenstander claimt dus de arbiter kan niet doen alsof hij het niet gezien heeft. De aanraking is bewust gedaan en de speler heeft niet aangegeven dat hij de stukken recht wilde zetten. De regels impliceren dan dat de intentie om te zetten wordt veronderstelt en dus geldt aanraken is zetten. Het is voor een arbiter ook niet te doen om te gaan beoordelen of de speler wel of niet de intentie had om te zetten. Hoe had hij dat moeten doen dan? Dat was een bovendien een garantie geweest voor een beroep van de andere kant.
Laten we ook niet vergeten dat de Commissie van Beroep achter de arbiter staat!
Het gaat hier niet om een partijtje op de club tussen twee beginnende jeugdspelers. Dit is een officieel FIDE-evenement en dan dienen de regels gewoon te worden toegepast.
“Hoe had hij dat moeten doen dan?”
In dit specifieke geval had hij kunnen concluderen dat het niet de intentie was om de dame op e3 te slaan, om de simpele reden dat het niet mogelijk was deze dame te slaan. Hoe kan iemand redelijkerwijs de intentie hebben om iets te doen wat onmogelijk is? In het verlengde van het rechtzetten van de dame op e3 werd ook meteen even de pion op d4 rechtgezet. De arbiter had kunnen concluderen dat deze tweede rechtzetting bij de eerste rechtzetting hoorde. Toch vrij normaal om scheeftstaande stukken even recht te zetten, maar alleen vergeten de toverspreuk “zjedoep” uit te spreken. Een berisping was terecht geweest voor deze omissie, maar toch niet, in alle redelijkheid, het (de facto) verloren verklaren van de partij?
Gelukkig ben ik een paar jaar geleden overgestapt op de damsport. Daar bestaat deze malligheid niet.
Roger beweert dat hij wel j’adoube gezegd heeft en een teamgenoot beweert dat gehoord te hebbeb. De arbiter hoorde het alleen niet (en de tegenstander blijkbaar ook niet).
De teamgenoot is geen partij in deze.Je hoort niet aan andermans stukken te zitten als je ze niet wilt slaan. Per ongeluk uitgesloten,maar zwart had hier geen stukken staan, dus geen intentie is een onzin argument. Als er al stukken niet recht staan,vraag je of je tegenstander ze zelf recht wil zetten( zo doe ik dat) en als hij weigert schakel je de arbiter in. Zeker 2200 spelers zijn geen beginners. Bij stap 1 spelers kan je dit door de vingers zien.Niet op dit niveau.
Oh, maar dat maakt het een heel andere discussie
Hoewel het er niet letterlijk staat impliceert artikel 4.2 dat de intentie om te zetten of slaan aanwezig is als de speler niet vooraf aangeeft dat zijn bedoeling is de stukken recht te zetten (onopzettelijk contact daargelaten). Rechtzetten mag alleen na duidelijk te hebben gemaakt dat dat zijn bedoeling is. Iedere andere bewuste aanraking moet dus worden geïnterpreteerd als de intentie om te zetten, want dat is de enige andere legitieme reden om een stuk bewust aan te raken. Hier valt dat een beetje cru uit, maar strikt volgens de regels is het zo en in een dergelijk evenement dienen de regels te worden gehandhaafd. De arbiter heeft op de enig juiste manier gehandeld.
Een arbiter neemt nooit de mening van een toeschouwer mee in zijn oordeel, zelfs al is het koning Willem-Alexander. Als het een teamgenoot is al helemaal niet. Hij heeft kennelijk niet gehoord dat de speler de intentie om recht te zetten kenbaar heeft gemaakt en kennelijk evenmin een beweging van de mond van de speler waargenomen. Hij zou hooguit af kunnen gaan op camerabeelden, maar als die er niet zijn dan kan hij slechts afgaan op zijn eigen waarneming.
— The arbiter has declared to the Appeals Committee that he could see clearly what happened and that didn’t see or hear Mr. Labruyere saying “j’adoube”. —
Opmerkelijk statement “see or hear”. De arbiter stelt dus nadrukkelijk dat hij niet gezien heeft dat er j’adoube werd gezegd.
Heeft deze arbiter wellicht problemen met zijn gehoor? Is hij daarom afhankelijk van zijn gezichtsvermogen om te bepalen of iets wel of niet is gezegd? Was het om deze reden dat de arbiter de mogelijk wat zacht en binnensmonds uitgesproken tekst niet heeft kunnen waarnemen?
Je zou bijna bij iedere handbeweging voor de zekerheid hardop j’adoube zeggen, zodat je altijd gedekt bent.
als je voor zoiets de arbiter roept ben je echt serieus de weg kwijt. Wat een enorme loser ben je als je zo wilt winnen. Als je dan ook nog een coach hebt, die moet je behoeden voor dit soort onsportief gedrag. Een Neymarretje…
Ben ik niet met je eens. Je hoort sowieso niet stukken van je tegenstander recht te zetten als deze al scheef staan. Dan vraag je of hij deze zelf wil rechtzetten. Als een tegenstander dit bij mijn stukken doet, krijgt hij 1 waarschuwing. De 2e keer kan hij zijn hand niet meer gebruiken.
Ik denk dat weinig arbiters uw kant zullen kiezen in dit standpunt. Sowieso beetje absurd om voor iets legitiems als op een normale manier stukken rechtzetten in je eigen tijd al te gaan ‘waarschuwen’ en/of intimideren en/of geweld te gebruiken (ik neem tenminste aan dat dat uw implicatie is met “zijn hand niet meer kunnen gebruiken”).
Als dit de stelling is, dan is het terecht dat zwart de pion moet slaan. Er is wel de intentie, want zwart heeft daar geen stukken staan.
Er is beroep gedaan.
Dat is afgewezen op basis van de (huidige?1) regelgeving.
Acceptatie blijft over!; ook al kunnen wij (al dan niet door gevoelens gevoed) een mening hebben die hierop haaks staat.
Oh ja, er is één facet dat mij intrigeert.
Plots wordt in het draadje vermeld dat er wel “J’adoube” of iets dergelijks gemompeld zou zijn.
Dit kwam voor mij uit de lucht vallen. Was de info initieel onvolledig weergegeven? Ik denk het niet, gezien het feit hoe cruciaal dit was voor de beoordeling.
@Dimitri, weet jij hierover meer?
Natuurlijk, anders had ik het niet geschreven. Het was ook in het protest vermeld (evenals dat Kobe het ook gehoord zou hebben).
Ja, ik las het. Logisch ook.
Tja, dan kom je op het ‘glad ijs’ terecht; de scheidsrechter heeft dan het laatste woord.
Het blijft dan achteraf vooral wringen dat één van beide partijen een onwaarheid uitspreekt. Hoewel, er is ook een grijs gebied is van “net niet gehoord”.
Zeker omdat filmen (terecht) niet is toegestaan, is het brengen van bewijs over de waarheid een onmogelijkheid.
Het beroep doen op basis van bewijs geeft voldoening. Als dar er niet is blijft het wringen; de één zegt dit en de ander dat.
—–
Het volgende geheel terzijde:
Overigens is er over het brengen van bewijs in ancient times al nagedacht. Hammurabi heeft een schrijfsel op laten nemen in het Code of Laws (te zien in het Louvre).
Hier de betreffende alinea van het schrijfsel in Akkadian (met vertaling).
“šumma awīlum awīlam ubbir-ma nērtam elišu iddi-ma lā uktīnšu mubbiršu iddâk”
(if a man accuses another man and charges him with homicide, but cannot bring proof against him, he, the accuser, shall be killed)
Het is niet zo gek om een j’adoube te mompelen/fluisteren in plaats van hardop te zeggen om geen andere spelers te storen. Dat Roger dat deed en de arbiter dat niet merkte is best mogelijk. Overigens is filmen wel toegestaan (er liep ook een cameraman rond) maar meestal zal er in situaties zoals dit geen hard bewijs zijn.
Nog iets geks: in dezelfde match zag ik van vrij dichtbij een speler aan zet met heel weinig tijd op de klok een (slaanbaar) stuk van de tegenstander rechtzetten (zonder wat te zeggen, het betreffende stuk stond overigens al netjes recht). De speler kon zich dat na afloop niet meer herinneren: het was blijkbaar onbewust gedaan. De tegenstander claimde niet maar won op eigen kracht de partij.
Het lijkt me dat in ons huidige rechtssysteem beide partijen met een bewijs moeten komen. Anders is er geen sprake van gelijkheid.
Ik bedoel daarmee te vragen aan SchaakSite-leden of het feit dat een scheidsrechter uiteindelijk een keuze maakt wel daadwerkelijk rechtsgeldig is? Ook hij is een mens. Staat zijn observatie boven de wet?
Zie de Laws of chess, FIDE Handbook, Preface.
Gelezen heb ik ze niet, maar leid uit jouw schrijfsel af dat een observatie van een scheidsrechter boven alles staat.
Waarschijnlijk omdat bij aanmelding voor deelname aan een toernooi een deelnemer instemt met de gestelde voorwaarden.
Well then, there we are. Dat zijn dan de regels.
Blijft bij mij toch nog steeds iets wringen; een scheidsrechter kan ook (hopelijk niet bewust; hoewel dat kan?!) een observatie doen die (net) wel of niet de waarheid raakt. Of zie ik dit niet goed?
Lees het toch maar. Ik hoef niet alles in hapklare brokken op ieders bordje te leggen.