Los een simpel schaakprobleem op en win een miljoen dollar
Wiskunde en schaken
Wiskunde en schaken hebben veel met elkaar gemeen. Een belangrijk voorbeeld is hierbij het leren schaken en wiskunde leren. Wat is de beste methode? Zowel bij het schaken als bij wiskunde bestaan er verschillende methoden en over deze methoden vindt veel discussie plaats. Bij het schaken scoort de Stappenmethode om didactische redenen hoog en er is een soortgelijke methode om wiskunde te leren die eveneens hoog scoort.
Wiskundigen hebben zich door de eeuwen heen laten inspireren door het schaakbord en de stukken en hebben hiermee mooie problemen gemaakt. Bij onze publicaties over Wie is de slimste? kregen we de mooiste oplossingen van voorgelegde problemen van wiskundig onderlegde schakers, soms doctors in de wiskunde! Het is overigens maar een zeer kleine groep die dit soort problemen oplossen interessant vindt. En natuurlijk worden er bij het zoeken van oplossingen computerprogramma’s gebruikt.
Acht koninginnen
Een klassiek probleem uit het midden van de negentiende eeuw is het koninginnenprobleem. Plaats acht koninginnen op het schaakbord zodat ze elkaar niet aanvallen. In veel boeken en artikelen over schaken en wiskunde kom je dit probleem in de een of andere vorm tegen. Met oudere basisschoolkinderen wordt dit probleem met behulp van chocoladeschaakkoekjes spelenderwijs opgelost onder begeleiding van de schaakdocent. En het mooiste is natuurlijk de koekjes aan het einde te mogen opeten.
Lees meer >
De eerste 48 uur staan vaak in het teken van acclimatiseren en ritme zoeken.
De tweede partij in de 
Had hij een wereldtopper kunnen worden als hij geen huisarts was geworden? Deze vragen over Dirk van Foreest zijn na meer dan een eeuw moeilijk te beantwoorden. Misschien zijn de antwoorden op de vier vragen respectievelijk ja, nee, ja en niet te zeggen.
Zondag 3 september is de eerste ronde van de World Cup in Tbilisi, Georgië. In dit toernooi spelen 128 deelnemers (waaronder onze landgenoten Anish Giri en Benjamin Bok) via het knock-out-formaat om twee plekken in het kandidatentoernooi (en om behoorlijk wat geld, totaal ongeveer 1,35 miljoen euro). In dit formaat bestaat elke ronde uit twee partijen met klassieke bedenktijd (uitgezonderd de finale, vier partijen). Bij de stand 1-1 worden er rapid- en eventueel zelfs snelschaakpartijen gespeeld tot er een beslissing is. Het is overigens niet per se zo dat een finaleplaats nodig is om een van de twee plekken te veroveren. Omdat twee deelnemers al geplaatst zijn voor het kandidatentoernooi (wereldkampioen Magnus Carlsen en zijn uitdager Sergej Karjakin) is het goed denkbaar dat een van de halve finalisten zich ook plaatst (Karjakin en Carlsen zitten in dezelfde helft van het schema, dus kunnen niet beiden de finale halen). De reglementen op dit gebied zijn echter onduidelijk (of mij in ieder geval niet bekend). Het toernooi is in ieder geval loodzwaar bezet: de gehele top vijftien van de wereld doet mee!
De competitiegids 2017-2018 is gepubliceerd op de website van de KNSB.


