Schaaksupporter
Schaken is sinds 2018 officieel geen sport meer, slechts een aardig, misschien zelfs cultureel, tijdverdrijf. Maar wel een tijdverdrijf dat door het IOC als een sport beschouwd wordt, en trainingen van onze topschakers worden ook door ons NOC financieel ondersteund.
Morgen alweer de negende dag dat we kunnen genieten van topprestaties op het schaakbord van topgrootmeesters, die daar al jarenlang voor trainen en studeren. Over de hele wereld wordt dit toernooi met grote belangstelling online gevolgd. Zo groot is die belangstelling dat er zelfs bots ingezet worden op chatvensters, ook om schakers te pesten. Nou ja, waar niet tegenwoordig.
Voor de supporters van sporters en sportclubs is sport ook zeker een aardig tijdverdrijf. Hoe mooi is het als je favoriet goed presteert, en hoezeer voel je plaatsvervangende schaamte als je favoriet door een fout onderuit gaat.
In vroeger tijden (nou ja, misschien nog maar 40 jaar geleden) was je als schaaksupporter afhankelijk van een ter plekke aanwezige schaakmeester die live de partijen van een match of toernooi van deskundig commentaar voorzag. Dat gebeurt tegenwoordig ook nog, maar nu kun je als supporter de prestaties van je favoriet(en) nog van veel dichterbij volgen. Gebruikmakend van je favoriete engine, of via de met engines verrijkte websites waarin de partijen op de voet gevolgd worden.
En dat levert vergelijkbare ervaringen op als die van een voetbalsupporter die naar een wedstrijd zit te kijken: een plotselinge verandering van de stellingswaardering door een goede of slechte zet geeft eenzelfde adrenalineschok als het missen of benutten van een grote scoringskans!



In mijn column Onze Patroonheilige berichtte ik over het toernooi om de Hemel Cup waarvoor vele schaakteams zich al hadden ingeschreven. De vraag die wij ons bij toernooien altijd stellen is welk team het toernooi zal winnen. Lees de hele column in 


