Liefhebbers van Schaak Antiek kunnen hun hart ophalen. Tea Lanchava geeft zondag 19 november 2017 een simultaan aan antieke schaaktafels. Na afloop verkoopt Old in Chess, antiques een gedeelte van de collectie en andere schaak-collectors items. Voorafgaand aan de simultaan is er een lezing over schaakantiek door Adri Helfrich. Interesse voor antiek of de simultaan? Ga naar www.facebook.com/oldinchess

Rubrieken
Top-40 Nederlandse schakers. 17: Dimitri Reinderman
Zijn NK-debuut was spectaculair, hij brak zijn schaakcarrière vroeg af, wat hij zelf anders zag, maar na zijn comeback, die je van hem niet zo mocht noemen, won Dimitri Reinderman meer toernooien dan daarvoor. Op zijn veertigste werd hij zomaar kampioen van Nederland.

Wijk aan Zee 2000. Foto: Johan Hut
Dimitri Reinderman (geboren 12 augustus 1972) werd bij de jeugd op het Europees kampioenschap derde (samen met Kramnik) en tweede en bij het wereldkampioenschap gedeeld derde. In 1995 kreeg hij een wildcard voor het Nederlands kampioenschap, waar hij debuteerde met een derde plaats achter Sokolov en Piket, voor Van Wely. Het jaar 1998 werd zijn grote doorbraak. In Wijk aan Zee won hij, achtste op rating, de tweede groep, samen met Rustam Kasimdzjanov. Dat gaf hem het recht een jaar later tussen Kramnik en Anand op het hoogste niveau te spelen. Reinderman won het open toernooi van Hoogeveen en vervolgens het zonetoernooi in Andorra, samen met velen, maar voor Piket en Van der Sterren. Het leverde hem een vierde plaats op de Nederlandse ranglijst op, achter het supertrio Timman, Piket en Van Wely. Een jaar later werd hij weer derde op het NK, achter Nikolic en Piket, samen met zijn leeftijdsgenoot Van Wely (die hij versloeg) en voor Sokolov. Hij won op dat toernooi een paar spectaculaire aanvalspartijen die publiekscommentator Lex Jongsma vertwijfeld deden uitroepen: “Reinderman wint natuurlijk de schoonheidsprijs, maar voor welke partij?”
Toernooiwinsten
Intussen werkte Reinderman bij een internetprovider, in het pionierstijdperk van het net. Na zijn enorme succes in Wijk aan Zee 1998 stemde zijn trotse werkgever in met een halvering van zijn dienstverband naar twintig uur per week, zodat hij meer kon schaken. Omdat hij evengoed een mooi inkomen had, ging Reinderman vanaf 2002 vooral leuke toernooien over de hele wereld spelen in plaats van toernooien in Nederland waar hij wat meer geld zou kunnen verdienen. Na zes NK’s in acht jaar deed hij voor die van 2003 tot en met 2007 geen moeite zich te plaatsen.
Lees meer >Belevenissen van een arbiter: OKU 2017
Begin juni wordt altijd een van de langst lopende weekendtoernooien van Nederland gehouden: het Open Kampioenschap van Utrecht, beter bekend als het OKU. De huidige speellocatie, het Utrechts Stedelijk Gymnasium, zorgt mede voor de ongedwongen sfeer die er altijd heerst en het weer werkt daar ook vrijwel altijd aan mee zodat tussen de partijen door op aangename wijze buiten een luchtje geschept kan worden. Op de borden wordt op elk niveau uiteraard op het scherpst van de snede gestreden om de vele prijzen en prijsjes die er bij dit toernooi te winnen zijn en dat leidde dit jaar tot twee gevallen die vooral bij de betrokkenen flink wat ophef veroorzaakten.
Schaakrubrieken weekend 28 oktober 2017

Wekelijks publiceren of verwijzen wij naar deze schaakrubrieken. Wij streven naar publicatie op de woensdag na het voorgaande weekend.
Lees meer >Top-40 Nederlandse schakers. 18: Salo Landau
Statistici kennen hem als de enige andere schaker dan Max Euwe die tussen 1921 en 1952 kampioen van Nederland werd, namelijk in 1936, toen Euwe niet meedeed. Over Salo Landau is natuurlijk wel veel meer te vertellen.

Salo Landau werd op 1 april 1903 geboren in Bochnia, voorheen Polen (nu ook), maar destijds geannexeerd door Oostenrijk. Tijdens de Eerste Wereldoorlog vluchtten zijn ouders voor de Russen, naar Nederland. Zij lieten Salo in Antwerpen opleiden tot diamantwerker, maar hij werd beroepsschaker.
In 1929 werd Landau op het Nederlands kampioenschap samen met Weenink tweede achter Euwe, met 7 uit 9. In 1936 werd hij bij afwezigheid van de grote meester kampioen. In 1939, toen het NK een kandidatentoernooi was geworden, won Landau dat, waarna hij de NK-match tegen Euwe verloor met 7,5-2,5. Zo groot waren de verschillen in de jaren dertig en veertig tussen Euwe en de rest.
Wereldtopper
Op de Olympiade van 1930 speelde Landau aan het vierde bord. In 1937 aan bord twee achter Euwe, waar hij 9 uit 15 scoorde. Een enorm succes boekte hij in 1931, toen hij in Rotterdam een dubbelrondige vierkamp won voor Colle, Tartakower en Rubinstein. Was Salo Landau een potentiële wereldtopper?
Landau behaalde vele goede toernooiresultaten in Engeland. Zo won hij een paar keer de tweede groep van Hastings en mocht hij in 1938 meedoen aan de hoofdgroep. Daar werd hij met Pirc derde achter Euwe en Szabo.
Lees meer >“Gokken op schaakwedstrijden” door Jan Willem Duijzer. Column van Schaakvereniging Promotie.
Volgend seizoen start de nieuw vormgegeven KNSB competitie. Wie mee wil spelen mag zich aanmelden. Er zal een vierde landelijke klasse ontstaan, waaruit degradatie niet meer mogelijk is. Regionale bondscompetities, met wedstrijden op doordeweekse dagen en soms ook in het weekend, zullen blijven bestaan, maar het niveau zal vermoedelijk iets lager worden. Qua niveau zal er een overlap gaan ontstaan van de huidige promotieklassen (straks meer passend: hoofdklassen) van de regionale bonden met de nieuwe vierde klasse van de KNSB.
Lees meer >Schaakrubrieken weekend 21 oktober 2017

Wekelijks publiceren of verwijzen wij naar deze schaakrubrieken. Wij streven naar publicatie op de woensdag na het voorgaande weekend.
Lees meer >Top-40 Nederlandse schakers. 19: Jan Smeets
Als kind won hij alles wat er te winnen was, als jong-volwassene werd hij twee keer kampioen van Nederland, maar Jan Smeets besloot ook al heel jong dat er belangrijker zaken waren dan schaken.

Jan Smeets in 2016. Foto: Harry Gielen.
Jan Smeets (geboren 5 april 1985) werd Nederlands kampioen in de leeftijdscategorieën zeven, acht, negen, tien, twaalf en veertien jaar. In 2002 behaalde hij vijf meesternormen binnen acht maanden (voor de titel zijn er maar drie nodig), in 2003 drie grootmeesternormen binnen een halfjaar. Met achttien jaar was hij daarmee tijdelijk de jongste Nederlandse grootmeester aller tijden. Op het wereldjeugdkampioenschap werd Smeets vijfde in de categorie tot en met achttien jaar en vervolgens vijfde in de oudste categorie.
Nederlands kampioen
In 2005, dus niet eens heel jong, debuteerde Smeets op het Nederlands kampioenschap, waar hij vijftig procent scoorde. Toen had hij al succes geboekt in Wijk aan Zee, waar hij in de B-groep tweede werd achter Karjakin.
Van de volgende acht NK’s was hij er zeven keer bij. In 2008 werd hij verrassend kampioen, voor Reinderman, Stellwagen en Tiviakov. Twee jaar later werd hij opnieuw eerste. Nu liet hij titelverdediger Giri achter zich, alsmede Van Wely. Dat mag je het grootste succes uit zijn carrière noemen. Na dat kampioenschap stond Smeets eenmalig eerste op de Nederlandse Elo-lijst. Dat hele jaar bleef hij in de top honderd van de wereld staan, met plaats 66 als hoogste.
Na beide titels speelde hij aan het tweede bord van het Olympiadeteam, achter Van Wely. Hij scoorde niet goed, maar in 2012 revancheerde hij zich met 7,5 uit 10 aan bord vier. Dat jaar was voor Smeets een topjaar. Hij werd (met velen) gedeeld tweede op het Europees kampioenschap en won het Open kampioenschap van Nederland in Dieren.
Lees meer >“Stellingen over Schaken”deel 2, door Hans Meijer. Column van Schaakvereniging Promotie.
Hans had ons in zijn eerste column van dit seizoen al getrakteerd op schaakstellingen. In deze column heeft hij er nog meer in petto. Lees zijn column hier !
The Complete Manual of Positional Chess (Volume 1 & 2)
Om een gat in de schaakliteratuur te vullen, hebben de Russische grootmeesters Konstantin Sakaev en zijn naamgenoot Konstantin Landa een tweedelig handboek geschreven over positioneel schaak. Gezien de piekratings van 2677 (Sakaev, januari 2005) en 2678 (Landa, oktober 2007) gaat het om sterke grootmeesters. Sakaev is tevens een voormalig Russisch kampioen en tweevoudig goudenmedaillewinnaar op de Olympiade. Het doel van de boeken is om de belangrijkste positionele onderwerpen te behandelen. Onderwerpen die elke goed onderlegde schaker zou moeten kennen.
Voor wie zijn de boeken bedoeld?
The Complete Manual of Positional Chess is oorspronkelijk geschreven om Russische jeugdschaaktrainers van instructiemateriaal te voorzien. De doelgroep omvat spelers met een rating van rond de 2000-2200. Uiteraard kunnen de boeken ook voor zelfstudie gebruikt worden. Als hulpmiddel zijn de diagrammen voorzien van één tot maximaal drie asterisken om de moeilijkheidsgraad aan te duiden. Bovendien hoeven de hoofdstukken niet in chronologische volgorde gelezen te worden.
De inhoud bestaat uit bekende klassieke partijen gemengd met hedendaagse voorbeelden. Sakaev betoogt in de inleiding dat recente partijen het meest leerzaam zijn. Het schaakspel is namelijk continu in ontwikkeling en het niveau blijft stijgen. Dat maakt het des te leerzamer wanneer een grootmeester zijn plan succesvol weet uit te voeren tegen de sterkst mogelijke tegenstand. De inleiding bevat verder een aantal algemene aanbevelingen om schaken te bestuderen en de belangrijkste rol van de trainer komt ter sprake. Overigens is de inleiding in beide boeken identiek.
Lees meer >
