Rubrieken

Top-40 Nederlandse schakers. 9: Ivan Sokolov

Het is een beetje wrang dat de vreselijke Balkan-oorlog van begin jaren negentig Nederland twee van onze grootste schakers aller tijden opleverde. Predrag Nikolic koos er niet voor om onder de Nederlandse vlag te spelen en staat daarom niet in deze top-40. Ivan Sokolov koos daar wel voor.

Ivan Sokolov in 2000 bij Lost Boys. Foto: Johan Hut.

Ivan Sokolov (geboren 13 juni 1968) speelde in 1992 mee in het Interpolis-toernooi in Tilburg, waar hij zijn landgenoot Predrag Nikolic en diens broer Nebojsa weer ontmoette. Omdat ze niet terug konden naar Joegoslavië, betrokken ze begin 1993 met z’n drieën een flat in Oegstgeest. Bij hun aanvraag voor een verblijfsvergunning werden ze goed geholpen door Joop Piket (bestuurslid KNSB) en Ton Kohlbeck (wethouder Oegstgeest en ook schaker). Financiële steun hadden ze niet nodig.

Sokolov en de oudste Nikolic waren al wereldtoppers. Sokolov was in 1988 kampioen van Joegoslavië en stond bij zijn komst in Nederland op de 14e plaats van de wereldranglijst.

In 1994 debuteerde hij op het Nederlands kampioenschap met een vierde plaats. Een jaar later werd hij eerste voor Piket, Reinderman en Van Wely. In 1996 eerste samen met Timman, van wie hij de barrage met 2,5-1,5 verloor. In 1997 werd Sokolov derde en een jaar later haalde hij zijn tweede titel binnen, in een zeer sterk veld met Timman, Nikolic, Van Wely en Piket.

Op voorstel van het nieuwe KNSB-bestuurslid Sytze Faber besloot het bestuur vervolgens dat spelers alleen aan het NK mochten deelnemen als ze niet voor een ander landenteam zouden spelen. Nikolic, kampioen in 1997 en 1999, ging niet akkoord met die voorwaarde, Sokolov wel. Hij werd nog vier keer tweede en twee keer derde. Tien keer speelde hij niet mee. Meestal omdat er op het NK geen startgelden werden betaald, maar ook een paar keer omdat hij weer voor Bosnië wilde uitkomen.

 

Toernooizeges

Op de Olympiade speelde Sokolov in 2002, 2004, 2006 en 2012 voor Nederland, met een score van 62%.

Lees meer >

Schaakgeschiedenis in vogelvlucht 19: Mikhael Tal

Omdat het schaakspel een eeuwenoud spel is, dat naar schatting al 3000 jaar oud is, lijkt het mij gepast om een serie korte artikelen te presenteren, waarin de schaak¬geschiedenis voor het voetlicht wordt gebracht. In de vorige aflevering hebben we het gehad over Vassily Smyslov. In deze nieuwe aflevering zullen we het hebben over Mikhail Tal (1936 – 1992).

In een van de vorige afleveringen van deze serie over de schaakgeschiedenis hebben we het gehad over de Rus Mikhael Botwinnik (1911 – 1995) die, nadat hij de wereldtitel had veroverd, deze driemaal kwijtraakte aan een landgenoot.

Mikhail Tal (foto Jos Sutmuller)

Dat was in 1960 tegen de briljante en onberekenbare Mikhael Tal (1936 – 1992). Maar voor de tweede maal in zijn carrière bleek de verslagen wereldkampioen de meester van de voorbereiding want in de revanchematch slaagde hij er opnieuw in om zijn eigen zwaktes te lokaliseren en die van de tegenstander bloot te leggen. Voor de derde maal in zijn carrière werd Botwinnik tot wereldkampioen gekroond.
Ondertussen had Tal wel geschiedenis geschreven door als 24-jarige volkomen onverwacht wereldkampioen te worden. De “Tovenaar van Riga” zoals zijn bijnaam was, bleek een meester te zijn in het combinatiespel en door op het scherp van de snede te spelen bracht hij Botwinnik aan het wankelen. De correctheid van de offers werd achteraf wel eens ter discussie gesteld, maar tijdens een praktische partij bleek het voor veel spelers (te) moeilijk om adequaat te reageren op zijn wervelende aanvalsspel.
Heel fameus is het volgende dubieuze paardoffer dat hij bracht tegen Botwinnik, maar waarmee hij de solide wereldkampioen aan het wankelen bracht en de partij zelfs wist te winnen. Het geeft aan dat het Tal niet aan de nodige moed ontbrak om in zo’n belangrijke match op het scherp van de snede durfde te spelen.


21…Pf4?!
Deze stelling is talloze keren afgedrukt. Tal gooit er pardoes een paard tegenaan. Nog wel tegen de wereldkampioen, die bekend stond als een uiterst solide speler. Maar de complicaties van dit offer werden Botwinnik, die ook niet al te veel tijd meer had, snel te veel.

Lees meer >

“Het collectieve geheugen” door Manuel Nepveu. Column van Schaakvereniging Promotie.

Ik heb van de Olympische Winterspelen genoten. Van het schaatsen om precies te zijn. Wanneer er bij het langebaanschaatsen wat te verdienen viel keek ik. Heel chauvinistisch.

Er waren werkelijk schitterende momenten bij, de verrassingen. Verrassingen, ik zei niet: plezierige verrassingen. Bij de tienduizend meter verwachtte ik een strijd tussen de drie bekende namen. Mijn persoonlijke gunfactor ging half om half uit naar Ted-Jan Bloemen, de man die het om toch wat onduidelijke redenen in Nederland altijd zo moeilijk had,

Lees meer >

“Ontzag voor schaken verdringt het dammen”

“Schakers hebben een grotere bek dan dammers. Dammers zijn introverter en het is geen tijd voor introverte mensen.” Dat zegt Arne van Mourik tegen Margriet Oostveen, columniste van de Volkskrant. Uiteraard vindt Van Mourik het een ramp dat de damrubriek van die krant is verdwenen. Ook betreurt hij het dat de dambond nog maar 4.500 leden heeft en de schaakbond zo’n 20.000. Weten wij eigenlijk wel dat dammers dieper denken dan schakers? Van Mourik denkt ook diep, hij noemt zich denksportfilosoof.

De denksportfilosoof is toch vooral geïnteresseerd in dammen. De 41-jarige Arne van Mourik woont nog steeds op zijn studentenkamertje in Zeist, waar hij een enorm damarchief heeft. Hij schrijft artikelen voor twee damtijdschriften en werkt aan vijf damboeken tegelijk. Hij noemt zijn kamertje het kloppend hart van de Nederlandse damcultuur.

Lees meer >

Schaakrubrieken weekend 24 februari 2018

Wekelijks publiceren of verwijzen wij naar diverse schaakrubrieken. Wij streven naar publicatie op de woensdag na het voorgaande weekend. Wij proberen de besproken partijen in een viewer te tonen.

Lees meer >

“Wandelen” door Theo Mooijman. Column van Schaakvereniging Promotie.

Kort na de eeuwwisseling had ik contact gelegd met de plaatselijke damvereniging. Aanleiding was de uitnodiging van de welzijnsorganisatie om op de jaarlijkse ouderendag aanwezig te zijn teneinde de schaaksport te promoten onder ouderen. Plaats van handeling: de sporthal. Het programma bevatte optredens van een regionaal amateur koor en een semi-professionele zangeres.

Achterin de hal waren de kramen geplaatst voor de ouderenverenigingen, domotica aanbieders en alle firma’s en organisaties die er belang bij hadden zich te presenteren aan de ouderen.

Lees meer >

Fischer voor beginners.

Renzo Verwer was zo vriendelijk zijn boek ‘Bobby Fischer voor beginners‘ op te sturen.

Mijn wereldbeeld van journalisten viel toen bijna in stukken uiteen zoals u in dit eerdere blog kunt lezen. Dat is trouwens ook de kracht van schaakprogressie. Leren door generaliseren en dan richting meesterschap weer leren generalisaties los te laten.

Om Renzo’s boek goed te kunnen plaatsen, begin ik eerst met het beroemde boek van Frank Brady over Fischer, ‘Eindspel‘, en eindig ik met het boek ‘Fischer versus The Russians‘. Klik vooral op lees meer.

 

Lees meer >

Schaakrubrieken weekend 17 februari 2018

Wekelijks publiceren of verwijzen wij naar diverse schaakrubrieken. Wij streven naar publicatie op de woensdag na het voorgaande weekend. Wij proberen de besproken partijen in een viewer te tonen.

Lees meer >

Schaakgeschiedenis in vogelvlucht 18: Vassily Smyslov

Deze rubriek is gemaakt voor schaaksite.nl en is terug te vinden onder het kopje ‘Schaakhistorie’.

 

Omdat het schaakspel een eeuwenoud spel is, dat naar schatting al 3000 jaar oud is, lijkt het mij gepast om een serie korte artikelen te presenteren, waarin de schaak­geschiedenis voor het voetlicht wordt gebracht. In de vorige aflevering hebben we het gehad over David Bronstein. In deze nieuwe aflevering zullen we het hebben over Vassily Smyslov (1921 – 2010).

 

In een eerdere aflevering van deze serie over de schaakgeschiedenis hebben we het gehad over de Rus Mikhael Botwinnik (1911 – 1995) die, nadat hij de wereldtitel had veroverd, deze driemaal kwijtraakte aan een landgenoot.

Vassily Smyslov tijdens het Interpolistoernooi 1992 (foto Jos Sutmuller)

Nadat Botwinnik met grote moeite zijn titel tegen Bronstein had weten te behouden, overkwam hem twee jaar later hetzelfde tegen Vassily Smyslov (geboren in 1921). Opnieuw eindigde de tweekamp onbeslist. In 1957 lukte het Smyslov wel om het grootste succes in zijn leven te behalen. Hij slaagde er in deze match in om de onverslaanbaar geachte Botwinnik maar liefst zes maal te kloppen tegenover drie verliespartijen. Omdat de wereldkampioen recht had op een revanchetweekamp die binnen een jaar gespeeld werd, was Smyslov zijn titel al binnen het jaar weer kwijt.

Naar verluidt had hij deze derde onderlinge confrontatie te lichtzinnig opgevat. Desalniettemin had Smyslov, die bekend staat als misschien wel de meest sympathieke wereldkampioen aller tijden, zijn naam gevestigd. De Moskoviet was een veelzijdig man, die zich niet alleen op het schaken heeft toegelegd. Zo is bekend dat hij een meer dan respectabele operazanger is. Dat bracht het organisatiecomité van het Interpolisschaaktoernooi ertoe om een plaat met hem op te nemen toen hij ooit in Tilburg aan het toernooi deelnam.

Zijn speelstijl is op een strategische leest geschoeid, maar gelardeerd met de meest onverwachte en fraaie tactische wendingen. Door zijn heldere en logische stijl zijn de partijen van hem goed te begrijpen. Als je partijen van Smyslov naspeelt, denk je dat het schaken heel gemakkelijk is. Van hem is ook de uitspraak afkomstig: “Chess is a simple game”. Daar bedoelt hij uiteraard mee dat je het spel niet moeilijker moet maken dan het is en het vooral voor je zelf begrijpelijk moet houden. Ik heb in 1992 de eer gehad om een korte tweekamp van twee partijen tegen deze geweldenaar te mogen spelen. In mijn artikel ‘Smyslov, innemende persoonlijkheid” ga ik in op de partijen uit deze minimatch. Het lukt mij om een verloren toreneindspel in remise te laten eindigen. En dat terwijl Smyslov erom bekend stond een groot eindspelkenner te zijn. Zijn boek met Löwenfisch over toreneindspelen is wereldberoemd. Uiteraard mag niet onvermeld blijven dat Smyslov in de eerste partij een lopereindspel op formidabele wijze had weten te winnen en dus genoeg had aan remise om een ronde verder te komen.

Lees meer >

Video: blindpartij Botwinnik tegen Euwe

Op 28 december 1963 speelden Michail Botwinnik en Max Euwe voor de NCRV een blindpartij tegen elkaar. De omstandigheden waren hierbij bepaald niet ideaal om een goede partij te spelen: ze vertelden de zetten in Duits, speelden met slechts tien minuten op de klok, en terwijl ze aan het nadenken waren probeerde Willem Jan Muhring de zetten uit te leggen aan het publiek…. Toch was het een behoorlijke partij die niet afgesproken leek. Botwinnik kwam met een nieuwtje, Euwe reageerde in eerste instantie goed hierop, beide spelers misten daarna dat wit een kwaliteit kon winnen en uiteindelijk eindigde de partij in eeuwig schaak. Mooi dat dit bewaard is gebleven!

Hieronder vindt u de partij met commentaar; maar kijkt u vooral eerst het filmpje.

Lees meer >