Begrijp wat u doet: Gambiet 3: Het Budapester gambiet

Gambiet 3: Het Budapester gambiet

Dit seizoen wordt een aantal gambieten besproken. Op clubniveau zijn gambieten populair. Men offert een pion, soms zelfs meer en hoopt dan dat de onvoorbereide tegenstander in de wirwar van varianten de mist in gaat. Een aantrekkelijk vooruitzicht! Niet alle gambieten zijn even gezond, maar de kans op succes is relatief groot. Op voorwaarde natuurlijk dat men het gambiet goed in de vingers heeft zitten. En dat is meer dan zetjes uit het hoofd leren. Sterker nog: het alleen memoriseren van de openingsboom is helemaal geen garantie tot succes. Zoals in alle vorige afleveringen van deze serie inmiddels wel duidelijk mag zijn geworden, gaat het ook hier om het bestuderen van typische plannen, en combinatoire wendingen. Parate kennis daarbij is wel handig, maar niet zaligmakend! We zullen de gambieten bespreken aan de hand van ideeën, waarbij we er niet aan zullen ontkomen dat er meer varianten gegeven zullen worden.

Na tweemaal een gambiet voor witspelers aangeboden te hebben, wordt het tijd om de zwartspelers eens op hun wenken te bedienen. Ik heb gekozen voor het Budapester gambiet omdat het recentelijk opduikt, zelfs in partijen van spelers uit de wereldtop, die het kennelijk een goed alternatief vinden voor de uitgekauwde varianten van de reguliere openingen. Een van de belangrijkste aanhangers van het systeem is Mamedyarov, bepaald niet de minste!

Lees meer >

Drie Nederlanders bij winnend kwartet

Het Open toernooi van het Groninger schaakfestival is gewonnen door een viertal. Daarvan waren er maar liefst drie Nederlanders, te weten Erwin l’Ami, Benjamin Bok en Sipke Ernst. De enige buitenlander die ook op 7 punten uitkwam, was de Armeniër Zaven Andrisian die en passant ook nog de meeste weerstandstandspunten bezat. Bok behaalde met dit resultaat zijn derde grootmeesternorm. Op de titel moet hij nog even wachten omdat hij nog niet over het vereiste aantal partijen beschikt.

Een speler die na zeven ronden de meeste aanspraak leek te maken op de eindzege was l’Ami. De Nederlandse grootmeester had in een zeeslang een eindspel in winst weten om te zetten tegen Evgeny Romanov. Maar liefst 77 zetten werden er gespeeld, eer hij de vis op het droge kreeg. Daartoe kreeg hij wel de helpende hand toegestoken van zijn Russische tegenstander. Het was een bijzonder interessant eindspel waarin wit weliswaar een pion was kwijtgeraakt, maar als compensatie twee lopers tegen twee paarden bezat. Vreemd genoeg wist de zwartspeler de lopers aardig in bedwang te houden en hoewel de remise voor wit steeds binnen handbereik was, ging l’Ami onverstoorbaar verder. Het materiaal dunde steeds verder uit totdat zwart alleen nog maar een paard en een pion had en wit een loper. Maar daarin moest Romanov een paar zwaarwegende beslissingen nemen. Het was nog altijd remise, maar op de 72ste zet ging hij dan eindelijk de fout in. Het werd een kunststukje om te zien hoe l’Ami met zijn paard moest rondspringen om het punt daadwerkelijk binnen te halen.

Lees meer >

Spanning stijgt in Groningen

Na zes ronden in de Open groep van het Groninger schaakfestival valt er nog geen zinnig woord te zeggen over wie er met de eindzege aan de haal gaat. Ik had bijna dezelfde inleiding kunnen gebruiken als in mijn vorige verslag. Met dien verstande dat er na zes ronden een vijftal is dat leidt, waaronder nu geen drie maar twee Nederlanders. Van het trio L’Ami (zie foto hieronder van Harry Gielen), Bok en Spoelman is laatstgenoemde weggevallen uit de kopgroep na twee opeenvolgende nederlagen. Spoelman was de grote sensatie van het laatste NK, maar hij moest in de laatste twee ronden zijn meerdere erkennen in respectievelijk Romanov en Kohlweyer. De andere koplopers naast genoemd Nederlands duo zijn Romanov (RUS), Andrasian (ARM) en Michalik (SVK).

Onder de achtervolgers met slechts een half puntje minder bevinden zich Elofavoriet Rodshtein (ISR) en de grootmeesters Kovchan (UKR), Novikov (RUS), Danielian (ARM) en de Nederlandse GM’s Ernst, Pruijssers en Peng. Daartussen zitten nog de IM’s Stukopin (RUS), Javakhadze (GEO) en Kohlweyer (GER).

Om met laatstgenoemde te beginnen. Hij speelde een ware koffiehuispartij tegen Spoelman. Na de zetten 1. c4 e5 2. g3 toog hij al direct ten aanval met 2… h5. We kennen dit soort idiote acties alleen van de Nederlandse meester Manuel Bosboom over wie ik met betrekking tot dit soort zetten een hilarisch verhaal geschreven heb. Maar het miste zijn uitwerking niet op de altijd zo stoïcijnse Spoelman. Hij liet zich meesleuren in een gevecht op het scherp van de snede. Daarin groeide de stelling hem boven het hoofd en hoewel het er misschien niet allemaal even vlekkeloos aan toeging, kon hij niet voorkomen dat hij ten onder ging. Ziehier de analyse van deze partij:

Lees meer >

Eindspelfinesses 42: De regel van vijf

Krijgt u wel eens een eindspel op het bord in uw partijen? En was u tevreden over de afloop? Of knaagde er iets waarvan u later dacht: “Dat had ik anders kunnen spelen?”

Schaaksite biedt een eindspelrubriek aan waarin u uw kennis kunt opfrissen of eventueel uitbreiden. De internationale meesters Twan Burg en Herman Grooten zullen op frequente basis u proberen bij te praten over diverse eindspelfinesses.

Een vreemde eend in de bijt van de toreneindspelen met toren en pion tegen toren is de positie waarin de toren van de zwakkere partij zich vóór de pion bevindt. Uit eerdere rubrieken weten we inmiddels dat de toren idealiter achter de (vijandelijke) pion hoort. Met een toren vóór de pion zijn veel stellingen verloren. Ze worden pas interessant als de pion nogal ver terugstaat. Daar bedoel ik mee dat een pion op de tweede, derde of vierde rij staat. Bij dit soort gevallen wordt de zogenaamde Regel van vijf gehanteerd. Wat deze behelst, kunnen we het best aan de hand van de volgende voorbeelden laten zien.

Regel van vijf – voorbeeld 1

Dit is een stereotiep voorbeeld waarmee de ‘regel van vijf’ kunnen uitleggen. Voordat we echter hier diep op in gaan, rakelen we de basisprincipes van de meeste toreneindspelen met toren en pion tegen toren even op:

  • De toren hoort achter de pion, zowel voor de sterkere als de zwakkere partij.
  • De koning van de zwakkere partij streeft naar het promotieveld van de pion.
  • De koning van de sterkere partij ondersteunt de pion.
Lees meer >

Drie Nederlanders bij leidend vijftal

Het traditionele Groninger schaakfestival is drie ronden onderweg. De schifting heeft vijf koplopers opgeleverd, waaronder drie Nederlanders. Dat zijn de grootmeesters Erwin l’Ami, Wouter Spoelman en de bijna grootmeester Benjamin Bok. De Slowaak Peter Michalik en de Georgiër Davit Lobzhanidze completeren dit stel. De hoogste ratinghouder, de Israëlische grootmeester Maxim Rodshtein (2683) liet een halfje liggen in de derde ronde.

Onder de achtervolgers met eveneens een halfje minder bevinden zich de Nederlandse grootmeesters Roeland Pruijssers en Zhaoqin Peng die tegen elkaar remise overeenkwamen.

Vooral Peng (zie foto Harry Gielen) is sterk van start gegaan met onder meer een overwinning op de Russische grootmeester Viacheslav Zakhartsov. Het Groningse talent en Europese jeugdkampioen t/m 14 jaar, Jorden van Foreest, is na zijn valse start (een nederlaag tegen outsider Bram Klapwijk) goed teruggekomen door tweemaal te winnen. Nog net voor de rustdag mag hij laten zien wat hij waard is als hij aantreedt tegen de sterke Nederlandse internationale meester Twan Burg.

In Groningen hebben ze niet alleen last van aardbevingen maar ook de toernooisite lag er een paar uur uit. Maar met noeste arbeid werden de problemen verholpen.

De stand aan kop na drie ronden is:

Lees meer >

Schaaksite op Radio 1

Uitzending

Lees meer >

Gespot 58: Blunder of toch niet…?

Bij het grasduinen in schaakboeken, het doorbladeren van schaaktijdschriften, het surfen op het internet, het bekijken van schaakfilmpjes valt het oog wel eens op interessante stellingen, bijzondere voorvallen, geniale zetten en grappige blunders. In deze rubriek wil ik u die graag voorleggen.

Bent u ook iets tegengekomen? Laat het ons weten.


In de vorige rubriek heb ik de lezer uitgedaagd om iets in te sturen van iets bijzonders dat de moeite waard is om aan de vergetelheid ontrukt te worden. De heer Hans Reusink, toevallig uit mijn eigen woonplaats Eindhoven, stuurde me al een hele tijd geleden iets op dat inderdaad voor het nageslacht bewaard dient te blijven. Ik heb dit helaas iets te lang laten liggen, maar ik hoop met deze rubriek een en ander recht te kunnen zetten. Het gaat om de volgende partij die in de interne competitie bij de Eindhovense Schaakvereniging werd gespeeld. Ik laat de zwartspeler aan het woord:

Tolhuizen, Ludo – Reusink, Hans

1. d4 Pf6 2. Pf3 e6 3. c4 Lb4+ 4. Pc3 De tekstzet is goed na 4. Ld2

4…De7?!

Reusink: "Hier haal ik Bogo- en Nimzo-Indisch door elkaar. Nu pent wit gratis het paard op f6".

5. Lg5 h6 6. Lh4 d6??

Reusink: "Ja, toe maar!"

7. Da4+

Reusink: "Die zit! De loper op b4 hangt."

7…Pc6

Reusink: "De enige zet".

8. d5

Lees meer >

Lex Jongsma, de man die commentaarsessies verhief tot entertainment

Na het overlijden van Lex Jongsma heeft Johan Hut op deze site op voortreffelijke wijze een In memoriam geschreven dat hem toekomt. Lex was wat mij betreft niet alleen een bijzonder erudiete, maar ook enorm humoristische persoonlijkheid die veel goeds voor het schaken heeft betekend. Ik ben ook in het bezit van het boek dat Lex schreef over de ‘Match van de eeuw’ tussen Fischer en Spassky. Uit dat boek heb ik een paar fragmenten gebruikt als basis voor een aardige analogie. In mijn Gespot 9: aanval over veld e4 citeer ik Lex uit dat boekje dat helaas door slechte lijm uit elkaar is gevallen, maar dat ik nu in een soort ringbandje nog altijd in de kast heb staan.

Lees meer >

Ontbijt, moorddiner, cocktails en ook nog een potje geschaakt; Stukkenjagers 1 maakt Rotterdam onveilig

Zaterdag 7 december stond er voor Stukkenjagers 1 een echt Rotterdams dagje op de planning.

Het kwam erg goed uit dat we in Rotterdam moesten spelen.

Niet alleen omdat we dan een perfecte plek voor ons traditionele ontbijt hadden (de dag startte met een heerlijk ontbijt bij Cor en Wini thuis), maar vooral omdat diezelfde Cor en Wini hun laatste zaterdag als vrijgezel meemaakten, iets wat we als SJ1 natuurlijk niet zomaar voorbij konden laten gaan. In allerijl hadden we een geïmproviseerde vrijgezellenavond georganiseerd, voor Cor en Wini samen! Later hierover meer, er moest natuurlijk eerst nog geschaakt worden.

RSR uit blijkt altijd lastig. Sowieso opvallend dat we altijd uit tegen RSR spelen; ik kan me alleen maar uitwedstrijden tegen RSR herinneren. Met wisselende successen trouwens. De laatste onderlinge bekerwedstrijd gingen we roemloos ten onder, ondanks het ratingoverwicht aan onze zijde. Maar op 10 borden moest dat toch wel lukken? Gemiddeld 83 elopunten meer per bord, en slechts op 1 bord een ratingnadeel, dat beloofde veel goeds. Echter maakte RSR het ons, zoals we gewend zijn, nog knap lastig. Een verslag in volgorde van beëindigen van de partijen.

Lees meer >

Leren combineren 5

Deze rubriek is primair geschreven voor minder geoefende clubschakers, waarin de beginselen van het combinatiespel centraal wordt gezet. Aan de hand van enkele instructieve voorbeelden wordt benoemd waar men op kan letten tijdens een partij. Dit alles met een knipoog naar de Stappenmethode, waar grotendeels de terminologie en andere aspecten aan ontleend zijn. En uiteraard kan men meteen wat gaan oefenen. Veel plezier!

Inleiding

Schaken is voor een groot deel je fantasie gebruiken. De redeneertrant om te denken “Als dat paard nou daar zou staan, dan zou ik winnen”, kan wel eens van pas komen om de juiste zettenreeks te vinden. Om nog even bij dit zelfde paard te blijven. Als het paard een vork kan geven op de vijandelijke koning en dame, is materiaalwinst gegarandeerd. Maar soms staat een eigen stuk op het veld, waar het paard die vork wil geven. Dat stuk willen we dan graag wegzetten om de vork mogelijk te maken. Dat heeft alleen effect als het met tempowinst weggezet wordt. Het moet dus een dwingende zet zijn. Welke dwangmiddelen kennen we ook al weer in het schaken?

  • Schaak
  • Slaan/offer
  • (Mat)dreiging

Het wegzetten van een stuk met tempowinst wordt ‘ruiming’ genoemd. En in het hieronder genoemde eerste voorbeeld spreken van een ’veldruiming.

Lees meer >