15 jaar geleden: “Doe mij maar een grote pils!”

Dit artikel is oorspronkelijk op 19 mei 2011 geplaatst.

Het is al weer jaren geleden dat er in Den Haag het Aegontoernooi werd gehouden. In het hoofdgebouw van de verzekeraar werd jaarlijks het “Mens versus Schaakcomputer-toernooi” gehouden. De mens werd vertegenwoordigd door sterke grootmeesters, internationale meesters, hoofdklassers, schaakjournalisten, maar ook echte amateurs en liefhebbers, dus van een verschillend niveau. Dat gold ook voor de computerprogramma’s. De sterkste schaakcomputers ter wereld waren aanwezig, als ook het betere hobby-werk. De match haalde de landelijke pers omdat veel mensen reikhalzend uitkeken naar de vorderingen die het elektronisch rekentuig aan het maken was. Deze belangstelling werd ook gevoed door een weddenschap die Professor Jaap van den Herik aangegaan was met Hans Böhm, namelijk dat binnen afzienbare tijd de wereldkampioen schaken het zou moeten afleggen tegen de computer. In de beginjaren van de computer werd er nog lacherig gedaan over de rare fouten die er in de diverse programma zaten, tegenwoordig weten we wel beter.

Lees meer >

15 jaar geleden: Theorie opzoeken tijdens de partij?

Dit artikel is oorspronkelijk 6 mei 2011 verschenen.

Bedrog tijdens partijen schijnt tegenwoordig schering en inslag te zijn. De drie Franse spelers die recentelijk in opspraak kwamen, omdat zij gebruik zouden hebben gemaakt van ongeoorloofde middelen, was even hot news. De geruchten dat Topalov signalen zou ontvangen van zijn secondanten, zijn we ook bepaald nog niet vergeten. En de Duitser met een rating van rond 1800 die met een pruik en oortelefoontjes een toernooi wist te winnen,

Lees meer >

Ten onder tegen Paul Keres maar niet in de Meesterklasse!

Op zaterdag 11 april mochten alle teams in de Meesterklasse op bezoek naar Rotterdam om daar de laatste ronde van het seizoen centraal te spelen. Gastheer Charlois/Europort dat een jubileum te vieren had, had het voortreffelijk voor elkaar. Mooie zaal, alle partijen op liveborden, voldoende wedstrijdleiders, analyseruimte en last but nog least: met een team van vrijwilligers was ook voor het natje (koffie!!) en het droogje was gezorgd.

Foto Bart Beijer

Dit  zou in elk geval voor ons de belangrijkste match van dit seizoen worden. Er waren nog zoveel verschillende scenario’s mogelijk. Zelfs na een redelijk sterk seizoen konden we nog zo maar degraderen. Sterker nog: theoretisch konden zelfs vijf ploegen degraderen in deze laatste ronde. Bij het ingaan van deze laatste ronde hadden wij (De Stukkenjagers) 7 matchpunten. Dat was een punt meer dan HMC/Den Bosch en Charlois/Europoort. De belangrijkste doelstelling was niet minder matchpunten dan allebei deze teams te scoren. Op bordpunten zouden we het namelijk niet redden als we allemaal op gelijke hoogte zouden komen. Zelf moesten wij spelen tegen het sterke Paul Keres, terwijl HMC het tegen kampioen Apeldoorn opnam en Charlois/Europort in LSG een geduchte tegenstander had. Omdat Apeldoorn zelfs al met 1-0 achter was gekomen (Max Warmerdam had naar verluidt een goede tot gewonnen stelling verloren van Twan Burg), keken wij toch met angst en beven naar dit duel. En behalve al deze spanningen, stond er ook voor ons een persoonlijk succes op het spel. Luuk Baselmans zou bij winst en de juiste rating van de tegenstander (die van Joris Kokje bleek precies op één puntje voldoende te zijn!) een IM- norm kunnen behalen. Dat lukte en ook bij onze tegenstander van Paul Keres was het Peter Lombaers die na een overwinning aan de criteria voldeed voor een IM-resultaat. We lopen alle partijen na op bordvolgorde:

 

Bord 1: Stefan Beukema – Hugo ten Hertog

Lees meer >

De Stukkenjagers – Kennemer Combinatie

De inhaalwedstrijd tegen Kennemer Combinatie werd afgelopen weekend gespeeld. Ondanks de goede score dit seizoen blijft het in de Meesterklasse altijd spannend tot het veilig is. Met een sterke tegenstander op bezoek was het zaak om scherp te zijn.

 

Bord 1 Liam Vrolijk – Herman Grooten

Op bord 1 speelde Herman tegen grootmeester Liam Vrolijk. De partij verliep dynamisch, met kansen voor beide spelers. Na een onnauwkeurigheid in het middenspel kantelde de stelling en wist wit het voordeel overtuigend uit te bouwen. Hieronder de partij met Hermans eigen commentaar.

Lees meer >

Koffiehuispartij

De laatste jaren begeef ik mij samen met onze zoon Tommy naar diverse toernooien in Nederland. Vooral omdat hij vanaf 2023 zeer gemotiveerd is geraakt voor ons mooie spel en dit jaar ook zijn progressie in ratingcijfers uitgedrukt ziet worden, speelt hij regelmatig in de top van het vaak niet geringe deelnemersveld mee.

Thomas Beerdsen (foto Harry Gielen)

Het toernooiveld bestaat vaak uit de “usual suspects”, gezichten die je overal tegenkomt. Behalve veel jeugdig elan vind ik het ook mooi om te zien dat de nodige senioren niet bang zijn om de degens te kruisen tegen de veelal voornamelijk tactisch onderlegde monstertjes. Afgelopen zaterdag begaven we ons naar Arnhem om daar deel te nemen aan het Voorjaarstoernooi. Zo kwam ik oudgediende Jaap Vogel tegen die zich ook regelmatig laat zien en met wie ik een leuk gesprekje had. Op het programma stonden zeven ronden met een speeltempo van 18+5 (18 minuten plus 5 seconden increment) waarvan de uitslagen zouden worden doorgegeven, zowel aan de KNSB als aan de Fide. Ik had het toernooi in 2018 nog weten te winnen, maar dat zijn vervlogen tijden die in het heden niet meer tellen. Met een niet al te hoge eerste prijs van € 150,- voor de A-groep in de editie van 2026 zou je verwachten dat het wellicht niet heel sterk bezet zou zijn. Maar toch stond er al een tijdje de naam van de Apeldoornse grootmeester Thomas Beerdsen bovenaan en omdat het een mooie lentedag werd, kon je aannemen dat hij inderdaad op het appèl verscheen. Thomas is volgens mij een echte liefhebber van het spel die ook probeert er een inkomen mee te verwerven. Dan is elke 150 euro welkom. Ik trof de enige grootmeester in dit gemêleerde gezelschap in de laatste ronde. De stand aan kop na de voorlaatste ronde zag er zo uit:

Lees meer >

Aanstaande landskampioen op de koffie in Tilburg

Het moet wel heel gek lopen wil Schaakstad/Apeldoorn dit seizoen geen kampioen van de Meesterklasse wordt. Nadat wij van De Stukkenjagers ons in de vorige ronde (bijna) van de degradatienood meenden te hebben ontdaan, kwam afgelopen zaterdag de aanstaande landskampioen op bezoek. Die had vorig jaar geen goed seizoen en zelfs de gedoodverfde degradatie­kandidaat Stukkenjagers slaagde erin om de Apeldoorners met maar liefst 7½ – 2½ te verslaan. Zoals te lezen was in het verslag vanuit Tilburgs perspectief: “Rating gap? No problem! Stukkenjagers deliver a 7.5-2.5 Masterclass”

De partij op het eerste bord tussen Nick Bijlsma (links) en Tommy Grooten (Foto Karel van Delft)

We kregen dus een getergde koploper in de Meesterklasse op bezoek. In de gemoderniseerde bioscoop Cinecitta is er tegenwoordig werk aan de winkel voor onze clubleden. Voordat er überhaupt geschaakt kan worden, moet de zaal – die doorgaans voor bioscoopbezoek of vergaderruimte wordt gebruikt, voor een wedstrijd speelklaar gemaakt te worden en daartoe zijn er gelukkig de nodige vrijwilligers aanwezig om dat voor elkaar te krijgen. Na afloop mag hetzelfde kunstje, maar dan in omgekeerde richting, gedaan worden. Dat verklaart het vroege tijdstip waarop De Stukkenjagers zijn externe wedstrijden begint. Met de nodige problemen op de weg en op het spoor, slaagde Schaakstad/Apeldoorn er toch in een Braziliaanse grootmeester (letterlijk) in te vliegen, want hij werd op Schiphol verwelkomd door een paar van zijn teamgenoten. Alexander Fier – een echte bohemien zoals Jan Timman het graag gezien had – kwam netjes op tijd om de minuut stilte in acht te nemen die voor de vorige week overleden “Best of the West” was ingeruimd.

Lees meer >

Recensie: 100 partijen uit de schaakgeschiedenis door Tom Smit

Jarenlang gaf ik les aan clubschakers. Het waren cursussen die ik zelf organiseerde in mijn toenmalige woonplaats Eindhoven. Een zaaltje was zo geregeld, maar vervolgens begon de werving en dat was – dacht ik – niet zo eenvoudig. Achteraf bleek dat, zeker in het begin, mee te vallen omdat er juist bij veel clubschakers een grote behoefte bestaat aan het krijgen van schaaktraining. Dus toen ik de aankondiging voor een schaaktraining op een paar websites had gezet en er ook in geslaagd was om flyers bij de grote verenigingen te verspreiden, bleken er snel zo’n 20-25 schakers bereid te zijn om naar Eindhoven te komen voor een doordeweekse trainingsavond van 2½ uur waarin uiteraard de nodige interactie en diverse oefenvormen op het menu stonden. Voordat ik mijn leerplan voor acht avonden en de specifieke invulling (inclusief werkvormen) begon uit te werken, nam ik contact op met de KNSB om er eens achter te komen wat nou de gemiddelde rating was van de bij de bond aangesloten leden. Normaal delen zij dit soort gegevens niet (en terecht!) maar er kon mij meegedeeld worden dat de speelsterkte tussen 1500 en 1600 zat. Ik had daar al zo’n vermoeden van, maar het was een duidelijk signaal dat veel trainers veel te moeilijke stof aanbieden aan het gros van de mensen. Dat ging ik anders doen! Moeilijke onderwerpen makkelijker maken en uiteraard differentiëren in de oefeningen. Voor de betere schakers tijdens dit soort cursussen had ik aparte kaartjes of bladen met oefeningen klaarliggen. De intentie was wel om de groep op de gemiddelde speelsterkte te bedienen tijdens de instructie. Deze cursussen heb ik zo’n 20 jaar volgehouden met afwisselende bezettingen.

Vorig jaar tijdens het toernooi van Hoogeveen stapte er voorafgaande aan een ronde ineens een heer op mij af, stelde zich voor, vertelde dat hij een kleine serie schaakboeken in eigen beheer aan het ontwikkelen was, of ik een recensie wilde schrijven over (of meer) van deze boeken. Hij had al een eerste boek “100 fouten in de opening die je moet kennen” op zijn naam staan en wilde daar nog een vervolg aan geven.

Ik kreeg onmiddellijk een uittreksel van zijn nog te verschijnen boek “100 eindspelen” aangereikt, de laatste in de serie van drie. Ondertussen wilde hij het boek “100 partijen uit de schaak­geschiedenis” afronden. Dat boek is inmiddels verschenen en heeft hij naar mij opgestuurd en dat heb ik met veel plezier doorgekeken.

Wanneer gebeurt het dat een clubschaker die precies in de speel­sterkte­range van 1500-1600 het initiatief neemt om een schaakboek te schrijven? Bij mijn weten vrijwel nooit!

Maar het is Tom Smit (geboren 1948) uit Ede, want over hem hebben we het, toch gelukt. Smit is lid bij twee schaak­verenigingen, te weten ESV en schaakvereniging De Cirkel allebei uit Ede. Bij de laatste club geeft hij als schaaktrainer les aan de jeugd, terwijl hij dat ernaast ook nog op diverse basisscholen doet. Dat hij een echte liefhebber is van ons koninklijke spel, blijkt uit het feit dat zijn naam opduikt bij vele schaak­toernooien in binnen- en buitenland. Het is dan niet meer dan logisch dat hij zijn eigen spelvreugde en didactische capaciteiten gebruikt om boeken samen te stellen over onderwerpen die hem aan het hart liggen. Wie is eigenlijk Tom Smit? Op 11-jarige leeftijd leren schaken van zijn vader, jeugd­kampioen van Breda geweest, systeemanalist van beroep, na zijn huwelijk niet meer geschaakt maar dat 18 jaar geleden weer opgepakt.

Lees meer >

Gejuich in de zaal bij briljant gespeeld eindspel door Giri

Wanneer wordt het schaken een volkssport? Dat vroeg ik me serieus af na de afgelopen zondag (25 januari) toen zich een gedenkwaardig moment voordeed bij de Masters. Ondanks een zeer matige start was onze ‘overgrootmeester’ (zoals we Anish Giri zo langzamerhand wel mogen noemen) bezig aan een comeback. In de ronde ervoor had hij de wereldkampioen, Dommaraju Gukesh aan zijn zegekar gebonden en in de achtste ronde speelde Giri – wederom met zwart – een uitstekende partij tegen de Oezbeekse topspeler Nodirbek Abdusattorov.

Het fascinerende gevecht tussen Abdusattorov (rechts) en Giri (Foto Lennart Ootes)

Vanuit de opening had hij met vlijmscherp spel de witspeler al in een hopeloze situatie gemanoeuvreerd en was het slechts een kwestie van tijd voordat hij de vis op het droge kon trekken. Maar helaas kwam er wat zand in de wielen en ineens was Giri een groot deel van zijn voordeel kwijt. Gelukkig ging de Oezbeek in dit razend moeilijke eindspel ook in de fout, waardoor zwart een tweede kans kreeg om alsnog een vol punt te scoren. Maar het was een zeer ingewikkeld geheel en het Britse duo, IM Jovanka Houska & GM Simon Williams, die in café De Zon (vlak naast sporthal De Moriaan, waar het toernooi gespeeld wordt) live commentaar geven bij de partijen, slaagden erin om de spanning in deze partij flink op te voeren.

Lees meer >

15 jaar geleden: Manuel Bosboom en het dame-offer

Dit verhaal van Herman Grooten verscheen oorspronkelijk op 12 januari 2011.

Een van de meest creatieve spelers die ik ken is IM Manuel Bosboom. Hij is een van de schakers waarvan je kunt zeggen dat hij een oorspronkelijke manier van denken heeft. Hij is wars van databases. Ook heeft hij een hekel aan andere moderne technologische snufjes; een partij met Fritz bekijken heb ik hem nooit zien doen.

Lees meer >

Wat is eigenlijk een “oeuvreprijs”?

Jorden van Foreest aan het werk tegen de vier talenten (foto Bart Beijer)

Het toernooi in Groningen dat traditie­getrouw rond de feestdagen wordt gespeeld en net voor de jaar­wisseling eindigt, kent al jaren de naam “Schaakfestival” en dat het een feest is om hier mee te mogen doen, kan ik – nu ik de laatste jaren heb meegespeeld – alleen maar beamen.

Dat heeft vooral te maken met de vriendelijke en goede organisatie, die er alles aan doet om het de deelnemers naar de zin te maken. Er is voor elk wat wils, veel verschillende toernooien, naast het open toernooi (A- en B-groep) kunnen mensen zich inschrijven in een aparte seniorengroep (waar de laatste jaren GM Paul Motwani aan deelneemt), de compactgroepen, het “wereldkampioenschap onderwater schaken”. Dat werd (voor de tweede maal) gewonnen door FM Zyon Kollen (WK onderwaterschaken 2025).

Dit jaar was daar nog de “Ytec” Challenge aan toegevoegd. Daar zou de Groningse topper Jorden van Foreest het in maar liefst vier (!) kloksimultaans met wit en met zwart opnemen tegen vier Noordelijke toppertjes tot en met 12 jaar waaronder het toptalent Bram ten Dam. Jorden liet er geen gras over groeien: hij won – op de remise tegen Noah Sosef na – alle partijen. Die werden overigens allemaal door hem nabesproken met alle spelers. Hopelijk hebben ze hier genoeg van opgestoken. Dit hele gebeuren is onmogelijk zonder de vele assistenten, de wedstrijdleiders die “gewapend” met anti-cheat scanners aan het begin van de ronde flink aan de bak moeten, maar ook de rol van de man die de liveborden onder zijn hoede heeft (Fons van Hamond) mag niet onderschat worden.

Lees meer >