Recensie: Harold van der Heijden komt met grote update van zijn eindspelstudie database

In het buitenland wordt gedacht dat Nederland een schaakland is. Dat is niet zo gek gezien de grote toernooien (zoals in Wijk aan Zee) die een grote uitstraling bij de rest van de wereld heeft. We kennen een Nederlandse wereldkampioen (Max Euwe), we hebben een hemelbestormer gehad (Jan Timman, toen hij tweede van de wereld was) en we hebben momenteel een mondiale wereldtopper in de persoon van Anish Giri in onze gelederen. Ook op ander gebied blijken we een vooraanstaande rol te spelen, zoals in de wereld van de eindspelstudies.

Harold van der Heijden (foto privé-collectie)
De grote man is Harold van der Heijden die vele jaren geleden begonnen is met het invoeren van eindspelstudies die hij tegenkwam in boeken. Hij bedacht ook een code waarmee studies binnen een database makkelijker gevonden zouden kunnen worden. Toen zijn database begon te groeien, werd die steeds interessanter en daarom creëerde hij een website waar de nodige informatie gevonden kan worden over dit enorme project.
Daarnaast is hij hoofdredacteur van het beroemde internationale tijdschrift EG. Daarover kan informatie ingewonnen op de Nederlandse site voor eindspelstudiecomponisten, ARVES.
Van der Heijden is zelf ook FIDE-meester in de schaakcompositie (eindspelstudies), FIDE-rechter voor eindspelstudies, hij was woordvoerder van de subcommissie ‘eindspelstudie van de WFCC’, auteur van twee boeken over eindspelstudies en verzamelaar van boeken met eindspelstudies.
De nieuwe database, getiteld HHdbVI, die hij net heeft uitgebracht, bevat maar liefst 93.839 studies een astronomisch aantal. Het moet een ongelooflijk monnikenwerk geweest zijn en het is niet na te gaan hoeveel tijd het heeft gekost om deze allemaal in te brengen in een computerbestand. Harold kan niet nalaten om op te merken dat als iemand zich geroepen voelt om al deze studies na te gaan spelen en hij zich daarbij committeert om elke dag drie uur lang studies na te spelen in een tempo van 3 minuten per studie, dan zou het deze persoon vier jaar en vier maanden kosten om deze taak te volbrengen. ‘Vermoedelijk is hij dan net op tijd voor de volgende update!’
Laten we inhoudelijk eens kijken wat deze database voor de liefhebber en de clubschaker te bieden heeft. Daartoe moeten we even definiëren wat precies onder een eindspelstudie verstaan wordt. Een eindspelstudie is een compositie die wordt gepresenteerd als een opgave waarin altijd de stelregels zijn: wit speelt en wint of wit speelt en maakt remise. Een studie bevat een unieke oplossing, ofwel er is in principe maar één manier die leidt tot de winst of tot de remise. Hoewel een studie kan lijken op een actuele partij, wordt een eindspelstudie samengesteld door een componist. Een goede eindspelstudie moet een vermakelijke oplossing hebben met verrassende zetten, verborgen verdedigingen en liefst geniale tactische wendingen die schakers verbijsteren. Voor zowel beginners als grootmeesters van wereldklasse is het ook erg leuk om eindspelstudies te proberen en op te lossen, aangezien de moeilijkheidsgraad varieert van eenvoudig tot zeer moeilijk. Meer info op de Wikipedia-pagina.
Lees meer >
Drieënhalf jaar na zijn overlijden verschijnt Wim Andriessen – Meester in het schaken, grootmeester in het uitgeven.
Uitgever
Het Nederlands Kampioenschap dames, dat dit jaar online werd gehouden, is gewonnen door Anna-Maja Kazarian. Het is natuurlijk niet de echte titel maar dat zal haar niet boeien, ze is toch maar eventjes kampioen geworden en zelfs op vrij overtuigende wijze.


Bij het grasduinen in schaakboeken, het doorbladeren van schaaktijdschriften, het surfen op het internet, het bekijken van schaakfilmpjes valt het oog wel eens op interessante stellingen, bijzondere voorvallen, geniale zetten en grappige blunders. In deze rubriek wil ik u die graag voorleggen. Bent u ook iets tegengekomen? Laat het ons weten.
Dat het paard in het schaakspel een bijzondere rol vervult, moge duidelijk zijn. Het is het enige stuk dat over andere heen mag springen, de paardensprong is ook heel bijzonder in vergelijking met wat de andere stukken mogen. Ik las ooit dat het paard mag springen zoals het nu doet omdat men in onderstaand minidiagrammetje het volgende had bedacht (zie diagram).
De loper en de toren kunnen allebei naar h3. Toen vond men het leuk dat ook het paard naar dat veld zou mogen om de symmetrie te bewaren en daarom heeft men de paardensprong bedacht. Of dit waar is? Geen idee, ik kan helaas niet meer terugvinden waar ik dit gelezen heb. Feit is dat de paardensprong ook gebruikt wordt in letterpuzzels, zoals bijvoorbeeld in de ‘Twee-voor-twaalf-quiz’ op tv.
Toen ik deze stelling voor het eerst zag, vond ik het een gewaarwording dat het witte paard van c2 in twee zetten een relatief grote afstand overbrugt. Want na













We zijn verheugd dat naar aanleiding van onze oproep voor meer redacteuren, die op vrijwillige basis graag iets voor Schaaksite willen doen, gehoor is gegeven. Schaaksite is een gratis website zonder banners en andere commerciële inslag. Aan het motto “voor schakers, door schakers” wordt voldaan nu zich uit ons land meerdere mensen hebben gemeld om mee te helpen. In het artikel


