Recensie: Begrijp wat je doet 3: Siciliaanse structuren deel 1, Najdorf&Scheveningen
In deze recensie bespreek ik het boek Begrijp wat je doet 3: Siciliaanse structuren deel 1, Najdorf & Scheveningen van Herman Grooten. Het boek is aanzienlijk dikker dan zijn voorgangers, maar dat kan ook niet anders als je de bekendste variant van de meest gespeelde schaakopening behandelt. Een recensie van het eerste deel uit deze serie, geschreven door Johan Hut, is hier te lezen.
Opbouw
De structuur van het boek is zeer helder. Grooten begint groot en bespreekt hoe we openingen in het algemeen zouden moeten bestuderen. Het belang van vooral verbale uitleg is iets wat we niet mogen onderschatten.
Het hoofdstuk erna begint met algemene strategische en tactische thema’s uit het Siciliaans. Op deze manier kan de lezer al gevoel ontwikkelen voor bepaalde stellingen, zonder te weten hoe deze precies op het bord zijn gekomen. Pas daarna wordt toegespitst op de eerste paar zetten: hoe erg is het dat de opmars …e7-e5 een gat op d5 achterlaat? Hoezo eerst voorbereiden met …a7-a6? Of waarom zou zwart de pion niet op e6 laten staan en rustig verder ontwikkelen?
Hierna begint het echte werk. De Najdorf en Scheveningen krijgen elk een groot hoofdstuk, dat onderverdeeld is naar de systemen die wit kan kiezen. Omdat de structuren van deze varianten op elkaar lijken, blijven die systemen dan ook bijna hetzelfde: 6. f4, 6. Lc4, 6. Lg5, Engelse aanval, 6. Le2. Elk hiervan wordt kort ingeleid met een partijfragment, gevolgd door modelpartijen voor beide kleuren.
Lees meer >
Pardon? Schaakleken? Mijn tekstverwerker begint niet te kniezen als ik dit woord intyp. Maar wat is dan een schaakleek? Mijn definitie: iedereen die niet minimaal van meestersterkte is op schaakgebied. Verreweg de meesten van u en mijn persoontje zijn schaakleken. Mijn beste prestatie was dat ik ooit in een open toernooi een IM op remise hield, maar dat niveau van handigheid – want dat was het – haal ik doorgaans voor geen meter.
Fabiano Caruana heeft het Tata Steel Chess Tournament gewonnen op bijzondere wijze. Een start van 3½ uit 6 (met vijf remises) liet hij volgen door een serie van 6½ uit 7. Met 10 uit 13 bleef hij twee volle punten voor op de nummer twee, Magnus Carlsen. De nummers één en twee van de wereld werden gewoon eerste en tweede, zij het in omgekeerde volgorde. Spectaculair was de gedeelde vierde plaats van Jorden van Foreest, die daardoor bovendien de top-100 van de wereld binnenkomt op plaats 70.


Openingsboeken komen in vele soorten en maten. De ene auteur diept in een monografie een zijvariant uit tot dertig zetten diep, met een woud aan analyse. Je krijgt de indruk dat elke vertakking in de zettenboom wel is verkend, geen millimeter theorie is onbesproken gebleven.

