Recensie: Chess for Educators van Karel van Delft
Al een paar weken ligt een boek op mijn bureau te pronken. Je zou kunnen zeggen dat dit de Engelstalige compilatie van het hele oeuvre van psycholoog en schaaktrainer Karel van Delft moet zijn. De titel: Chess for Educators. De auteur heeft een groot gedeelte van zijn leven besteed aan het bestuderen van de voordelen die het schaken voor kinderen in het dagelijks leven biedt. Zoals de achterflap vermeldt: schaken heeft de zeldzame eigenschap dat kinderen ons schaakspel leuk vinden terwijl het ook nog goed voor hen is. “Schaken is net als het leven: je moet plannen maken, beslissingen nemen, creatief zijn, uitdagingen aangaan, omgaan met teleurstellingen, interactie met anderen en het evalueren van je eigen handelingen”.
Inleiding
Karel probeert op wetenschappelijke wijze te onderbouwen dat bovengenoemde eigenschappen uit het dagelijks leven door het schaken in de praktijk kunnen worden gebracht en dat elk persoon die met het schaken in aanraking komt hier profijt van zal hebben. Niet verwonderlijk dat er ook is uitgezocht dat het schaken leerprestaties op school verbetert. Het is algemeen bekend dat cognitieve vaardigheden (zoals geheugenfuncties, concentratievermogen en visualisatie) worden verbeterd door je met het schaakspel bezig te houden. Daarnaast komt een schaker spelenderwijs in aanraking met mentale componenten, zoals het omgaan met teleurstellingen en het reflecteren op je eigen spel.
Opbouw
De ondertitel van het boek ‘How to Organize and Promote a Meaningful Chess Teaching Program’ geeft aan in welke richting de schrijver wil gaan. Hij legt zijn jarenlange ervaring als schaaktrainer/schaakcoach/organisator op tafel om mensen te helpen op een verantwoorde wijze een jeugdafdeling binnen een schaakclub georganiseerd te krijgen. Naast een uitgebreide introductie, waarin Van Delft uit de doeken doet wat hij voor ogen heeft om de lezer te bieden, is het boek ingedeeld in maar liefst 21 hoofdstukken. Ik zet ze op een rij:





Dit wordt voorlopig mijn laatste recensie. Na 2,5 jaar recensent bij Schaaksite geweest te zijn, is het tijd om het stokje over te dragen aan nieuw schrijftalent. In die 2,5 jaar heb ik heel wat boeken zien langskomen. Uiteraard een heleboel openingsboeken, een aantal boeken over het middenspel en eindspel, nog wat biografieën. Maar ook aardig wat boeken over schaakpsychologie en zelfs een boek over 
Om maar meteen te beginnen met een waarschuwing: dit is niet het gebruikelijke schaakboek. Dat blijkt al uit een paar droge feiten: er staan maar vijftien diagrammen in het hele boek, wel vijf dichtbedrukte pagina’s bibliografie en een paar honderd citaten die afkomstig zijn van een breed spectrum aan wijzen (van Plato via Kubrich en Osho naar Carlsen, Spassky en Aronian). Verwacht dus geen partijen, schaakpuzzels om op te lossen of technische verhandelingen over dubbelpionnen of het benutten van het initiatief in een partij.
Een boek dat mij als schaaktrainer als muziek in de oren klinkt. En als er dan ook nog een voorwoord geschreven is door de huidige nummer twee van de wereld, Fabiano Caruana, is de nieuwsgierigheid meteen aangewakkerd. De Rus IM Boris Zlotnik blijkt jarenlang de trainer van Caruana geweest te zijn. De Rus was lange tijd de directeur van ‘the legendary Chess Departement of the INEF College in Moscow’. Toen hij in 1993 emigreerde naar Spanje werd hij de trainer van de toen 12-jarige Caruana die met zijn familie naar Madrid verhuisden om ervoor te zorgen dat het jonge talent dicht bij zijn trainer woonde. Meer aanbeveling heeft Zlotnik niet nodig!
Waar gaat dit boek over? Allereerst valt het in de categorie probleemschaak. Meer precies de wereld van de compositie. Als ik het goed heb gezien, zijn eerste boek in dit genre. Het boek valt onder te verdelen in de volgende hoofdstukken: old school, remise- en winststudies, mat in 2 en of meer zetten, plus wat vermakelijke laatste hoofdstukken, dingen als helpmat en zo meer wat Lakdawala unchess noemt. Als ook, moet ik zeggen een hoofdstuk over praktijk, met partijen die enorm lijken op een studie. De mooiste zet aller tijden; wie kent die niet, de zet Dg3 (met zwart) uit Levitsky-Marshall (Breslau 1912)? Prompt werd deze droomzet verwerkt in een studie. Het boek eindigt met een hoofdstuk over een wonderkind, die ik expres niet ga benoemen, koopt u toch dit boek als u het per se wilt weten!
