Rubrieken

Schaakrubrieken weekend 7 juli 2018

Wekelijks publiceren of verwijzen wij naar diverse schaakrubrieken. Wij streven naar publicatie op de woensdag na het voorgaande weekend. Wij proberen de besproken partijen in een viewer te tonen.

Lees meer >

Top-40: Epiloog

Nadat ik mijn top-40 heb afgesloten, ben ik vorige week meteen al begonnen met een serie van algemene geschiedenisverhalen. Daarover aan het eind nog iets meer. Maar vandaag wil ik vooral een toelichting geven op de manier waarop de lijst tot stand kwam. Richard Vedder heeft me daar een mooi handvat voor gegeven met zijn evaluatie. Toen hij me voor het eerst vertelde dat hij daarmee bezig was, heb ik hem direct aangemoedigd. Ik wilde hem meteen duidelijk maken dat ik geen bezwaar had tegen kritiek, integendeel, dat ik commentaar juist leuk vond.

Zijn verhaal is lang geworden, maar ik denk dat als je al onze gesprekken bij En Passant (plus mails) achter elkaar zou plakken, je nog een langer verhaal zou krijgen. Reacties van spelers en ex-spelers van En Passant (waar Richard aan refereert) waren vooral heel luchtig. Zo zei Dimitri Reinderman me, toen ik plaats 29 had gepubliceerd, dat hij genoegen zou nemen met een plaats bij de eerste acht. Hevig geschrokken heb ik hem toen direct, stiekem, van 28 naar 17 gezet. Nog te laag, maar 28 zou hij niet hebben kunnen accepteren. Met 17 is er slechts sprake van een lichte teleurstelling.

Maar goed, even serieus. Toen ik begon, lag de volgorde nog lang niet vast. Wel lagen de veertig namen vast. Richard suggereert dat ik “eerst een paar mooie verhalen selecteerde en me later pas realiseerde dat er door die mooie verhalen sterkere spelers buiten de boot zouden gaan vallen”. Richard doet wel meer aannames die ik straks ga tegenspreken, maar dit is echt klinkklare nonsens. Ik heb direct veertig namen vastgesteld, er hadden anderen bij gekund, maar niet om reden dat er schakers ten onrechte in staan.

Het zal iedere lezer zijn opgevallen dat ik veel belang hecht aan de Nederlandse kampioenschappen. Dat vind ik nog steeds logisch. Ik vergelijk Nederlandse schakers met elkaar, wat is dan een beter criterium dan de NK’s? Om te beginnen heb ik alle eindstanden van de officiële NK’s, dat is vanaf 1909, gepakt. Aan de hand daarvan heb ik een ranglijst opgesteld waarbij ik de kampioen 5 punten gaf, de nummer twee 3 punten en de nummer drie 1 punt. Je kunt ook een andere keuze maken, maar dit vond ik wel een goed plan. Dat leverde de volgende ranglijst in punten op.

 

61 Euwe en Timman

Lees meer >

Hoe pak je een computer aan?

Aan de vooravond van het Fish Partners Toernooi plaatste ik hier gisteren  een geschiedenisverhaal over de deelname van computer Fritz SSS aan het Nederlands kampioenschap van 2000. Ik was vergeten dat Herman Grooten daar zes jaar geleden ook al over had geschreven. Dat is niet erg, want ik schreef over de omstandigheden en de reacties. Herman schreef een schaaktechnisch verhaal. Hoe pakte Loek van Wely de computer zo succesvol aan? Dat wist ik nog wel, maar ik wist niet dat Herman Grooten, zelf ook deelnemer, in een eerdere ronde ook de juiste tactiek koos. Helaas rondde hij het niet goed af.

Lees meer >

Schaakhistorie (1): Fritz $$$ op het NK

Nooit kreeg een Nederlands kampioenschap schaken zoveel publiciteit als dat van 2000. De reden was er één waar niet iedereen blij mee was. Een computer als deelnemer! Nog voor de officiële bekendmaking, zette Gert Ligterink in de Volkskrant al de toon: “Iedereen is gek geworden.”

Loek van Wely, kampioen in 2000, hier gefotografeerd een jaar later

Het idee zou zijn gekomen van Genna Sosonko, maar het is maar de vraag hoe serieus dat was. Sytze Faber, bestuurslid topschaak van de KNSB, was op zoek naar iemand voor de wildcard. Zhaoqin Peng en Erika Sziva bedankten omdat ze een baby hadden en Sosonko bedankte omdat hij vond dat zijn tijd wel geweest was. “Waarom vraag je geen computer?”, vroeg de veteraan. Faber vond het een prachtidee en belde Jaap van den Herik om advies. De oud-hoofdklasser was hoogleraar in de informatica en in Nederland een autoriteit op het gebied van kunstmatige intelligentie. Hij hield zich bijvoorbeeld bezig met de vragen of computers kunnen rechtspreken en of computers autonoom kunnen reageren op elektronisch binnengekomen vragen. Schaakcomputers hadden in dat vakgebied vanaf het begin een belangrijke rol gespeeld.

Van den Herik was uiteraard enthousiast over het idee en vroeg het bedrijf ChessBase of het wilde meedoen met het programma Fritz. Natuurlijk wilden de Duitsers dat. Maar de spelers hadden natuurlijk wel wat anders aan hun hoofd dan een computerdemonstratie. Daarom werd hun een vette worst voorgehouden. Het prijzengeld werd verhoogd van 100.000 naar 170.000 gulden. ChessBase betaalde daar een deel van, maar het grootste deel kwam van drie computerrelaties van Van den Herik.

 

Boze journalisten

Sosonko verdedigde het idee in NRC Handelsblad: “Wie het niet betreurt dat de klassieke toernooien verdwijnen, heeft geen hart. Maar wie meent dat de schaaksport de opmars van de computer en internet kan negeren, heeft geen hoofd.” De schaakjournalisten reageerden echter furieus.

Lees meer >

Schaakrubrieken weekend 30 juni 2018

Wekelijks publiceren of verwijzen wij naar diverse schaakrubrieken. Wij streven naar publicatie op de woensdag na het voorgaande weekend. Wij proberen de besproken partijen in een viewer te tonen.

Lees meer >

NK schaken; de PR

Afgelopen zondag werd het Nederlands kampioenschap schaken geopend. Het was een levendig evenement met hoofdrollen voor presentator Hans Böhm, de kersverse toernooidirecteur Bart Stam (met een hilarische speech), voor Machteld van Foreest (die de loting deed middels een balletjesmachine) en de deelnemers.

Opvallend vond ik de vele zorgen die deze middag werden geuit. Over gebrek aan geld bij de bond bijvoorbeeld. Uiteindelijk was de speech van de KNSB-voorzitter Marleen van Amerongen toch vrij positief,

Lees meer >

Top-40 Nederlandse schakers. 1: Max Euwe

Hij was niet alleen de grootste Nederlandse schaker in de geschiedenis, maar ook een van Neerlands grootste sporters. Zo oordeelden de redacties van de regionale dagbladen in 1999, toen ze een top-50 opstelden van grootste Nederlandse sporters van de twintigste eeuw. De top-10 luidde: 1. Johan Cruijff 2. Fanny Blankers-Koen 3. Ard Schenk 4. Anton Geesink 5. Jan Janssen 6. Max Euwe 7. Piet Moeskops 8. Rie Mastenbroek 9. Joop Zoetemelk 10. Yvonne van Gennip. Jan Timman stond op 32. Het is appels met peren vergelijken, net als deze schaaktop-40.

Max Euwe (geboren 20 mei 1901) werd al jong Nederlands kampioen. Na een gedeelde tweede plaats in 1919, won hij in 1921 en 1924. Hij verloor in die jaren een partij van Schelfhout en één van Davidson. In 1926, 1929, 1933 en 1938 won hij met grote cijfers en verloor hij geen enkele partij. De bond besloot dat Euwe niet meer hoefde mee te doen. Er werden kandidatentoernooien gespeeld, waarvan de winnaar Euwe mocht uitdagen voor een match. Hij versloeg in 1939 Landau met 7,5-2,5, in 1942 Van den Hoek met 8-2 en in 1947 Van Scheltinga met 5,5-2,5. In al die matches verloor Euwe geen enkele partij. In 1948 besloot Prins geen gebruik te maken van zijn recht op een match.

Lees meer >

Schaakrubrieken weekend 23 juni 2018

Wekelijks publiceren of verwijzen wij naar diverse schaakrubrieken. Wij streven naar publicatie op de woensdag na het voorgaande weekend. Wij proberen de besproken partijen in een viewer te tonen.

Lees meer >

Boekrecensie: Chess Middlegames volume 2 van Ivan Sokolov


Inleiding

Deze recensie gaat over het boek Chess Middlegame Strategies: volume 2 van Thinkers Publishing, geschreven door Ivan Sokolov. Dit boek is het tweede deel uit Sokolovs nieuwe serie over middelspel, die de natuurlijke opvolger vormt van zijn boek Winning Chess Middlegames: An essential guide to Pawn Structures (2009, New in Chess)

 

 

 

Met strategieboeken voelt het soms alsof ik door de bomen het bos niet meer zie vanwege de inhoud en titels die op elkaar lijken, maar Sokolov lijkt een gat in de markt te hebben gevonden. Zijn eerste boek over strategie, Winning Chess Middlegames, was zeer instructief en bevatte veel voorbeelden over pionnenstructuren en waar de stukken aan de hand daarvan heen moeten. De vraag blijft dan – als we het meest instructieve al gezien hebben – hoe moet het vervolg eruit zien? Hoewel de nadruk in Chess Middlegame Strategies minder ligt op pionnenstructuren, legt Sokolov nog steeds haarfijn uit hoe beide kleuren zich het beste op dienen te stellen. Hij neigt hierbij steeds meer richting middenspel, waardoor het boek schommelt tussen opening en middenspel en hieraan zijn unieke structuur dankt.

 

Het boek bestaat uit zes hoofdstukken:

  1. Sicilian strategies
  2. Spanish piece sacrifice
  3. The Caro-Kann doubled f-pawn
  4. Benoni strategies
  5. Catalan strategies
  6. Knight tales
Lees meer >

Schaakrubrieken weekend 16 juni 2018

Wekelijks publiceren of verwijzen wij naar diverse schaakrubrieken. Wij streven naar publicatie op de woensdag na het voorgaande weekend. Wij proberen de besproken partijen in een viewer te tonen.

Lees meer >