Rubrieken

15 jaar geleden: Manuel Bosboom en het dame-offer

Dit verhaal van Herman Grooten verscheen oorspronkelijk op 12 januari 2011.

Een van de meest creatieve spelers die ik ken is IM Manuel Bosboom. Hij is een van de schakers waarvan je kunt zeggen dat hij een oorspronkelijke manier van denken heeft. Hij is wars van databases. Ook heeft hij een hekel aan andere moderne technologische snufjes; een partij met Fritz bekijken heb ik hem nooit zien doen.

Lees meer >

Hoe benut je het thuisvoordeel?

Laatst zag ik er weer een zitten: een structurele thuisspeler. Het was tien minuten voor de eerste ronde van een groot weekendtoernooi. Overal om me heen stonden mensen ontspannen te praten. Enkele deelnemers waren aan het snelschaken, anderen namen nog een paar haastige happen van hun avondeten.

Maar één speler zat al in de grote zaal. Hij staarde naar zijn stukken, onbeweeglijk, met een doordringende blik. Het was duidelijk: deze man moest je niet storen.

Lees meer >

Succesvol stukken gooien

Liefhebbers van goedkoop vermaak met vliegende projectielen komen in deze tijd van het jaar weer geheel aan hun trekken, of het nu om pijltjes gaat in Ally Pally of schaakstukken in Qatar of Calcutta.

Qatar

Bij het WK snelschaken verloor Carlsen twee partijen omdat hij de stukken omgooide en daardoor door zijn vlag ging.

De eerste keer koos een dame het luchtruim,

Lees meer >

Recensie: Under the Surface – 2nd Edition

Hoe kan het toch dat een grootmeester zoveel sterker is dan een gewone clubspeler? Ziet een grootmeester meer mogelijkheden? Kan een grootmeester accurater of sneller rekenen? Kent een grootmeester meer openingen? Tot op zekere hoogte is het allemaal waar. Op elk vlak schiet een clubspeler tekort tegen een grootmeester. Het grootste verschil wordt volgens auteur Jan Markos gemaakt doordat een grootmeester dieper kijkt dan een clubspeler. Een clubspeler kijkt veel te oppervlakkig naar een stelling.

Lees meer >

Vraagje

We nemen de beginstelling. Wit speelt 1.a3. Construeer een partij die eindigt met 5.Txe5 mat.

Een aardig probleempje, waarvan ik de oplossing (nog) niet ga verklappen. In mijn niet meer geheel betrouwbare herinnering legde iemand dit de deelnemers voor tijdens het NJK van 1973. Mijn vraag is: klopt dit? Als iemand ook nog de bron of bedenker ervan weet, graag.

Lees meer >

“De Prins variant” door Hans Meijer

https://schaaksite.nl/wp-content/uploads/2020/09/Logo.png

In zijn artikel ‘Lodewijk Prins tot op het bot principieel’ vertelt Dirk Goes dat Robby Kevlishvili nog nooit van Lodewijk Prins gehoord had. Dat verbaasde mij want ik verwacht dat een grootmeester op de hoogte moet zijn van de openingen die wereldkampioenen en hun rivalen spelen. Lees de hele column in PDF.

De columnisten van SV Promotie schreven samen meer dan 1000 columns.

Schaken en tragiek

 

Schaken kan mensen veel brengen. Mij bijvoorbeeld brengt het veel. Ook toppers hebben zo hun verhouding met het spel.

Schaken kan ook ongeluk veroorzaken. Ene Shaikidow (rating rond de 1500) schreef enkele dagen terug op het forum van chess.com:

I’ve played chess for more than half of my life now. I used to be obsessed with it.

Lees meer >

Recensie: Playing the Nimzo-Indian door Renier Castellanos

Wie opgegroeid is in de jaren 80 of 90 van de vorige eeuw is beslist niet verwend: wij zijn opgegroeid met schaakboeken van zeer bedenkelijk niveau – maar er was niets anders. Natuurlijk waren er positieve uitzonderingen. Wat me zo te binnenschiet: de stappenmethode, Bronsteins Zürich 1953, Fischers My 60 memorable Games, Tals Life and Games. In de jaren waarin een grondig fundament voor het schaakbegrip gelegd moet worden, werden wij vanuit educatief perspectief bestookt met dogma’s (“speel niet met een randpion”, “openingsstudie is irrelevant tot 2300”, “open de stelling alleen als je het loperpaar hebt.”).

Lees meer >

Korte CV: Oele Dijkhuis

Mijn naam is Oele, 23 lentes jong. Ik woon momenteel in Rotterdam en vond schaken al op jonge leeftijd leuk en leerde het spel in Utrecht, nadat mijn broers mij waren voorgegaan. Als hoogtepunt ben ik op mijn vijftiende Nederlands kampioen geworden onder 16 jaar. Ik speelde veel toernooien in het buitenland; dat waren mijn leukste schaakervaringen. Met de Siciliaanse Draak pakte ik vaak punten en ook het Italiaans speel ik graag.

Lees meer >

Groningen ronde 3: niets dan narigheid [UPDATE]

In de derde ronde van het Schaakfestival Groningen mochten de acht koplopers tegen elkaar. Aan het begin van een toernooi denkt men nog niet aan normen, prijzengelden en ratingbehoud en willen de spelers winnen. En dat was te merken. Thomas Beerdsen offerde met zwart tegen Elias Ruzhansky een pion voor het loperpaar en Vitaliy Bernadskiy had daar met wit tegen Mykola Korchynskyi zelfs twee pionnen voor over.

Lees meer >